MEMORIE VAN TOELICHTING (bewerkt)

Parlementaire behandeling:
- Kamerstukken II 2000-2001, 27 549, nr. A (advies RvS en nader rapport)
- Kamerstukken II 2000-2001, 27 549, nr. 1-2 (koninklijke boodschap en voorstel van wet)
- Kamerstukken II 2000-2001, 27 549, nr. 3 (memorie van toelichting)
- Kamerstukken II 2000-2001, 27 549, nr. 4 (nota van verbetering)
- Kamerstukken II 2000-2001, 27 549, nr. 5 (verslag)
- Kamerstukken II 2000-2001, 27 549, nr. 6 (brief Minister van SZW en van Financiën)
- Kamerstukken II 2000-2001, 27 549, nr. 7 (nota n.a.v. het verslag)
- Kamerstukken II 2000-2001, 27 549, nr. 8 (nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2001-2002, 27 549, nr. 9 (brief Minister van SZW en van Financiën)
- Kamerstukken II 2001-2002, 27 549, nr. 10 (nader verslag)
- Kamerstukken II 2001-2002, 27 549, nr. 11 (nota n.a.v. het nader verslag)
- Kamerstukken II 2001-2002, 27 549, nr. 12 (tweede nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2001-2002, 27 549, nr. 13 (brief Minister van SZW)
- Kamerstukken II 2001-2002, 27 549, nr. 14 (brief Minister van SZW)
- Handelingen II 2001-2002, blz. 1847-1861
- Handelingen II 2001-2002, blz. 1945
- Kamerstukken I 2001-2002, 27 549, nr. 140 (gewijzigd voorstel van wet)
- Kamerstukken I 2001-2002, 27 549, nr. 140a (voorlopig verslag)
- Kamerstukken I 2001-2002, 27 549, nr. 140b (memorie van antwoord)
- Kamerstukken I 2001-2002, 27 549, nr. 140c (eindverslag)
- Handelingen I 2001-2002, blz. 664-670

 

 

 

WET van 20 december 2001, Stb. 2001, 690, houdende regels met betrekking tot de positionering van de reïntegratiediensten van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie  (Wet verzelfstandiging reïntegratiediensten Arbeidsvoorzieningsorganisatie). Inwerkingtreding: 1 januari 2002 (Stb. 2001, 691).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is voorafgaand aan de voorgenomen totstandbrenging van een nieuwe structuur voor de uitvoering van werk en inkomen voorwaarden te scheppen met het oog op de uitvoering door een privaatrechtelijk bedrijf, in concurrentie met derden, van de thans aan de Arbeidsvoorzieningsorganisatie opgedragen taken ten behoeve van de reïntegratie van moeilijk plaatsbare werkzoekenden en daarmee samenhangende dienstverlening;
     dat daartoe gedurende een overgangsfase de reïntegratiedienstverlening in opdracht van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie wordt uitgevoerd door een naamloze vennootschap, tegen een vergoeding die tijdelijk wordt bekostigd uit de daarvoor bestemde, in omvang afnemende, rijksbijdrage en andere inkomsten van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie;
     dat het voorts wenselijk is bij wet in verband met de oprichting van die naamloze vennootschap die reïntegratiediensten verricht, waaraan de Staat der Nederlanden bij de oprichting deelneemt als aandeelhouder en waarin vermogensbestanddelen van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie worden ingebracht, enkele aspecten van de overgang te regelen;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

HOOFDSTUK  1

Algemene bepalingen

 

Art. 1. Begripsbepalingen  [MvT]
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. Arbeidsvoorzieningsorganisatie: de Arbeidsvoorzieningsorganisatie, bedoeld in de Arbeidsvoorzieningswet 1996;
b. de naamloze vennootschap: de naamloze vennootschap die namens de Staat der Nederlanden is opgericht en die in ieder geval dienstverlening gericht op het geschikt maken van moeilijk plaatsbare werkzoekenden en arbeidsgehandicapten voor inschakeling in de arbeid en dienstverlening ten behoeve van werkgevers ter vervulling van vacatures verricht;
c. het Landelijk instituut sociale verzekeringen: het Landelijk instituut sociale verzekeringen, bedoeld in de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997;
d. Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
e. arbeidsgehandicapte: de persoon, bedoeld in artikel 2 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten.

 

 

HOOFDSTUK  2

Overgang naar naamloze vennootschap

 

Art. 2. Overgang vermogensbestanddelen  [MvT]
-1. Vermogensbestanddelen van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie die worden toegerekend aan de uitvoering van de taken, genoemd in de artikelen 4, eerste lid, onderdeel b en c, en tweede lid, van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 en artikel 13 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten, het verrichten van diensten als bedoeld in artikel 5 van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 en de uitvoering van diensten in opdracht van de gemeenten en het Landelijk instituut sociale verzekeringen gericht op het geschikt maken van moeilijk plaatsbare werkzoekenden en arbeidsgehandicapten voor inschakeling in de arbeid gaan onder algemene titel over op de naamloze vennootschap, tegen de waarde te bepalen met inachtneming van artikel 94a van

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.