MEMORIE VAN TOELICHTING (bewerkt)

Parlementaire behandeling:
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 928, nr. 1 (koninklijke boodschap)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 928, nr. 2 (voorstel van wet)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 928, nr. 3 (memorie van toelichting)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 928, nr. 4 (advies RvS en nader rapport)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 928, nr. 5 (verslag)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 928, nr. 6 (nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 928, nr. 7 (nota n.a.v. het verslag)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 928, nr. 8 (tweede nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 9 (derde nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 10 (amendement-Schouten en Dijkgraaf)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 11 (amendement-Ulenbelt)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 12 (amendement-Ulenbelt)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 13 (amendement-Van Weyenberg)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 14 (motie-Madlener)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 15 (motie-Omtzigt en Schut-Welkzijn)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 16 (motie-Van Weyenberg en Vermeij)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 17 (amendement-Van Weyenberg en Ulenbelt)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 18 (brief Staatssecretaris van SZW)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 19 (brief Staatssecretaris van SZW)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 928, nr. 20 (brief Staatssecretaris van SZW)
- Handelingen II 2014-2015, nr. 6, item 10
- Handelingen II 2014-2015, nr. 7, item 17
- Handelingen II 2014-2015, nr. 7, item 18
- Kamerstukken I 2013-2014, 33 928, A (gewijzigd voorstel van wet)
- Kamerstukken I 2013-2014, 33 928, B (voorlopig verslag)
- Kamerstukken I 2013-2014, 33 928, C (memorie van antwoord)
- Kamerstukken I 2013-2014, 33 928, D (eindverslag)
- Handelingen I 2014-2015, nr. ... ; nog niet gepubliceerd

 

 

WET van 26 november 2014, Stb. 2014, 502, tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet in verband met wijziging van de voorwaarden voor de vrijwillige verzekering over een achterliggende periode en wijziging van de Participatiewet in verband met wijziging van de berekening en de periodieke aanpassing van de bijstandsnormen voor pensioengerechtigden. Inwerkingtreding: 17 december 2014 en 1 januari 2015 (Stb. 2014, 503).

 

     WIJ WILLEM-ALEXANDER, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het, met het oog op het tegengaan van onbedoeld gebruik van de vrijwillige verzekering over een achterliggende periode, wenselijk is de Algemene Ouderdomswet te wijzigen teneinde de voorwaarden aan te scherpen waaronder van deze verzekering gebruik kan worden gemaakt en dat het tevens wenselijk is in de Participatiewet de wijze van berekening en de periodieke aanpassing van de bijstandsnormen voor belanghebbenden die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt te wijzigen;
     Zo is het dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I.
De Algemene Ouderdomswet wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
Artikel 38, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet wordt als volgt gewijzigd:
1. Vervallen.
2. Aan het slot wordt toegevoegd: , indien hij ten minste vijf jaar verplicht verzekerd is geweest ingevolge de artikelen 6 of 6a en voor zover hij in die achterliggende periode niet onderworpen is geweest aan een buitenlandse wettelijk verplichte ouderdomsverzekering die bij het bereiken van de daarin aangegeven leeftijd recht geeft op ouderdomspensioen.
3. Vervallen.
B. [MvT]
Aan hoofdstuk VIII, paragraaf 2, wordt aan het slot een artikel, waarvan de nummering aansluit op het laatste artikel van die paragraaf, ingevoegd, luidende:
Art. #.
-1. Op aanvragen om gebruik te maken van de vrijwillige verzekering, bedoeld in artikel 38, eerste lid, die zijn ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van de Wet tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet in verband met wijziging van de voorwaarden voor de vrijwillige verzekering over een achterliggende periode (Stb. PM) blijft artikel 38, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan die datum van inwerkingtreding van toepassing.
-2. Op aanvragen om gebruik te maken van de vrijwillige verzekering, bedoeld in artikel 38, eerste lid, die zijn ingediend op of na de datum van inwerkingtreding van de Wet tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet in verband met wijziging van de voorwaarden voor de vrijwillige verzekering over een achterliggende periode (Stb. PM) is artikel 38, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet zoals dat door die wet is komen te luiden van toepassing.

 

Art. Ia.
De Participatiewet wordt als volgt gewijzigd:
A.
Na artikel 37 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Art. 37a. Vaststelling normen pensioengerechtigden
-1. De normen voor belanghebbenden

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.