MEMORIE VAN TOELICHTING (bewerkt)

Parlementaire behandeling:
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 988, nr. 1 (koninklijke boodschap)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 988, nr. 2 (voorstel van wet)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 988, nr. 3 (memorie van toelichting)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 988, nr. 4 (brief Minister van SZW)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 988, nr. 5 (nota van verbetering)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 988, nr. 6 (nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 988, nr. 7 (amendement-Omtzigt)
- Kamerstukken II 2013-2014, 33 988, nr. 8 (amendement-Omtzigt)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 9 (tweede nota van verbetering)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 10 (amendement-Karabulut en Ulenbelt)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 11 (tweede nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 12 (brief Minister van SZW)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 13 (brief Minister van SZW)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 14 (derde nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 15 (verslag)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 16 (brief Minister van SZW)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 17 (nota n.a.v. het verslag)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 18 (vierde nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 19 (gewijzigd amendement-Karabulut en Ulenbelt)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 20 (brief Minister van SZW)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 21 (vijfde nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 22 (amendement-Vermeij c.s.)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 23 (gewijzigd amendement-Vermeij c.s.)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 24 (gewijzigd amendement-Omtzigt c.s.)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 25 (nader gewijzigd amendement-Ulenbelt c.s.)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 26 (gewijzigd amendement-Omtzigt)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 27 (amendement-Ulenbelt c.s.)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 28 (amendement-Van Weyenberg)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 29 (amendement-Vermeij c.s.)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 30 (gewijzigd amendement-Weyenberg)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 31 (brief Minister en Staatssecretaris van SZW)
- Kamerstukken II 2014-2015, 33 988, nr. 32 (nader gewijzigd amendement-Omtzigt)
- Handelingen II 2014-2015, nr. 24, item 11
- Kamerstukken I 2013-2014, 33 988, A (gewijzigd voorstel van wet)
- Kamerstukken I 2013-2014, 33 988, B (eindverslag)
- Handelingen I 2014-2015, nr. ... ; nog niet gepubliceerd

 

 

WET van 26 november 2014, Stb. 2014, 504, tot wijziging van enkele wetten van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, het ministerie van Financiën en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Verzamelwet SZW 2015). Inwerkingtreding: 1 januari 2015 (Stb. 2014, 516).

 

     WIJ WILLEM-ALEXANDER, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om enkele wijzigingen in de wetgeving op het terrein van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van het ministerie van Financiën en van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan te brengen;
     Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I. Algemene Kinderbijslagwet  [MvT]
De Algemene Kinderbijslagwet wordt als volgt gewijzigd:
A.
Artikel 7a wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid komt te luiden:
-1. Een verzekerde heeft voor een tot zijn huishouden behorend kind dat drie jaar of ouder is, maar nog niet de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, recht op een verdubbeling van het bedrag aan kinderbijslag, genoemd in artikel 12, eerste en tweede lid, indien het kind is aangewezen op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen mate van intensieve zorg.
2. Onder vernummering van het vierde lid tot vijfde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
-4. Indien twee personen die voor eenzelfde kind recht hebben op kinderbijslag als bedoeld in het eerste lid, dit kind op basis van een overeenkomst of rechterlijke beschikking overwegend in gelijke mate verzorgen en onderhouden zonder met elkaar een gemeenschappelijke huishouding te voeren, is voor de beoordeling van het recht op het extra bedrag aan kinderbijslag, bedoeld in het tweede lid, de situatie, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a of b, van de ouder wiens recht op kinderbijslag wordt uitbetaald bepalend.
B.
Artikel 12, tweede lid, komt te luiden:
-2. Het basiskinderbijslagbedrag en het extra bedrag aan kinderbijslag, bedoeld in artikel 7a, tweede lid, bedraagt voor een kind dat woont buiten Nederland, één van de andere lidstaten van de Europese Unie, een ¹ andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte en Zwitserland, een bij ministeriële regeling vastgesteld percentage van het bedrag, genoemd in het eerste lid, respectievelijk artikel 7a, tweede lid. Het percentage wordt zo bepaald dat het een weergave is van de verhouding tussen het kostenniveau van het land waar het kind woonachtig is en dat van Nederland. Het percentage bedraagt maximaal 100.
C.
Artikel 13 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het tweede en derde lid komen te luiden:
-2. Het bedrag, genoemd in artikel 7a, tweede lid, wordt telkens gewijzigd met ingang van 1 januari. Bij een wijziging met ingang van 1 januari wordt dit bedrag verhoogd of verlaagd met hetzelfde percentage als waarmee de prijsindex gezinsconsumptie ² over de maand oktober daaraan voorafgaande naar boven of naar beneden afwijkt van de prijsindex gezinsconsumptie ² waarop de laatste wijziging is gebaseerd. Het gewijzigde bedrag wordt door of namens Onze Minister bekendgemaakt in de Staatscourant. In afwijking van de eerste zin blijft wijziging per 1 januari achterwege indien de prijsindex gezinsconsumptie ² over de maand oktober daaraan voorafgaande geen afwijking vertoont ten opzichte van de prijsindex gezinsconsumptie ² waarop de laatste wijziging is gebaseerd.
-3. Het bedrag, genoemd in artikel 12, eerste lid, wordt telkens gewijzigd met ingang van 1 januari en 1 juli. Bij een wijziging met ingang van 1 januari onderscheidenlijk 1 juli wordt dit bedrag verhoogd of verlaagd met hetzelfde percentage als waarmede de prijsindex gezinsconsumptie ² over de maand oktober daaraan voorafgaande onderscheidenlijk over de maand april daaraan voorafgaande naar boven of naar beneden afwijkt van de prijsindex gezinsconsumptie ² waarop de laatste wijziging is gebaseerd. Het gewijzigde bedrag wordt door of namens Onze Minister bekendgemaakt in de Staatscourant. In afwijking van de eerste zin blijft wijziging per 1 januari onderscheidenlijk per 1 juli achterwege indien de prijsindex gezinsconsumptie ² over de maand oktober onderscheidenlijk over de maand april daaraan voorafgaande geen afwijking vertoont ten opzichte van de prijsindex gezinsconsumptie ² waarop de laatste wijziging is gebaseerd.
2. In het zesde lid wordt "herzien" vervangen door: gewijzigd.
3. In het zesde, negende en tiende lid wordt "herziening" telkens vervangen door: wijziging.
4. In het vierde en tiende lid wordt "herziene" vervangen door: gewijzigde.
5. In het achtste lid wordt "door Onze Minister" vervangen door: , samen met de dag waarop de wijziging ingaat, door of namens Onze Minister.
D. [MvT]
In artikel 24c, eerste lid, vervalt onderdeel c, onder verlettering van de onderdelen d tot en met f tot onderdelen c tot en met e.
E.
Artikel 41a wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste en derde lid wordt "vóór de dag van inwerkingtreding" vervangen door: op de dag vóór inwerkingtreding.
2. Het vierde lid komt te luiden:
-4. Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2017.

1. Volgens de redactie dient ", een" te worden vervangen door: of een.
2. Volgens de redactie dient "prijsindex gezinsconsumptie" telkens te worden vervangen door: consumentenprijsindex.

 

Art. II. Algemene nabestaandenwet  [MvT]
De Algemene nabestaandenwet wordt als volgt gewijzigd:
0A.
Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:
1. Onder vernummering van het tweede tot en met vierde lid tot derde tot en met vijfde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.