MEMORIE VAN TOELICHTING (bewerkt)

Parlementaire behandeling:
- Kamerstukken II 2014-2015, 34 273, nr. 1 (koninklijke boodschap)
- Kamerstukken II 2014-2015, 34 273, nr. 2 (voorstel van wet)
- Kamerstukken II 2014-2015, 34 273, nr. 3 (memorie van toelichting)
- Kamerstukken II 2014-2015, 34 273, nr. 4 (advies RvS en nader rapport)
- Kamerstukken II 2014-2015, 34 273, nr. 5 (nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 273, nr. 6 (verslag)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 273, nr. 7 (nota n.a.v. het verslag)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 273, nr. 8 (tweede nota van wijziging)
- Handelingen II 2015-2016, nr. 24, item 3
- Kamerstukken I 2015-2016, 34 273, A (gewijzigd voorstel van wet)
- Kamerstukken I 2015-2016, 34 273, B (brief Minister van SZW)
- Kamerstukken I 2015-2016, 34 273, C (eindverslag)
- Handelingen I 2015-2016, nr. 9, item 3

 

 

WET van 25 november 2015, Stb. 2015, 464, tot wijziging van enkele wetten van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW 2016). Inwerkingtreding: 1 januari 2016 (Stb. 2015, 465).

 

     WIJ WILLEM-ALEXANDER, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om enige wijzigingen in de wetgeving op het terrein van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan te brengen;
     Zo is het dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I. Algemene Kinderbijslagwet  [MvT]
De Algemene Kinderbijslagwet wordt als volgt gewijzigd:
A.¹ [MvT]
Aan artikel 7, zesde lid, onderdeel b, wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van subonderdeel 4º door "; of", een subonderdeel toegevoegd, luidende:
5º. de verzekerde aantoont dat het kind een bij ministeriële regeling te bepalen school bezoekt waarbij de afstand tussen het woonadres van de verzekerde of het woonadres van de ander tot wiens huishouden het kind laatstelijk behoorde en de dichtstbijzijnde school waar het onderwijs wordt aangeboden meer bedraagt dan een bij ministeriële regeling te bepalen aantal kilometers, met dien verstande dat de afstandseis niet geldt als het kind verplicht is gedurende het schooljaar meer dan drie nachten per kalenderweek op een aan de school gelieerde locatie te overnachten.
B. [MvT]
In artikel 14, derde lid, vervalt de laatste zin.
C.¹ [MvT]
In artikel 17h, vierde lid, wordt ", eerste" vervangen door: , eerste lid.
D.² [MvT]
In artikel 25 vervallen het derde en vierde lid.

1. Ingevolge het enig artikel, tweede lid, van het Besluit van 2 december 2015, Stb. 2015, 465, treden de onderdelen A en C in werking met ingang van 11 december 2015, red.
2. Ingevolge het enig artikel, vierde lid, van het Besluit van 2 december 2015, Stb. 2015, 465, treedt onderdeel D in werking met ingang van 1 januari 2017, red.

 

Art. II. Algemene nabestaandenwet  [MvT]
De Algemene nabestaandenwet wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT + bis]
Artikel 17 wordt als volgt gewijzigd:
1.¹ In het derde lid wordt "eerste of tweede" vervangen door: eerste, tweede of vijfde.
2. Het zevende lid, onderdeel d, komt te luiden:
d. de persoon:
1º. die onderwijs volgt waarvoor aanspraak op studiefinanciering als bedoeld in artikel 3.1, eerste of tweede lid, van de Wet studiefinanciering 2000 kan bestaan en op enig moment tijdens dat onderwijs gelet op zijn leeftijd in aanmerking kan komen voor die studiefinanciering;
2º. die onderwijs volgt waarvoor aanspraak kan bestaan op een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten en op enig moment tijdens dat onderwijs gelet op zijn leeftijd in aanmerking kan komen voor die tegemoetkoming;
3º. die een beroepsopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste lid, onderdeel a tot en met e, van de Wet educatie en beroepsonderwijs in de beroepsbegeleidende leerweg volgt;
4º. die een vergelijkbaar soort onderwijs of beroepsopleiding als bedoeld onder 1º tot en met 3º volgt buiten Nederland, waarbij voor onder 1º en 2º geldt dat hij op enig moment tijdens dat onderwijs jonger dan 30 jaar is of in de maand van aanvang de leeftijd van 30 jaar heeft bereikt.
B. [MvT]
In artikel 29a, zesde lid, vervalt ", de halfwees ten behoeve van wie de tegemoetkoming wordt ontvangen" en wordt ", de halfwees of" vervangen door: of.
C. [MvT]
In de artikelen 39, tweede en vijfde lid, en 68, tweede lid,² vervalt ", halfwezenuitkering".
D.³ [MvT]
In artikel 67, negende lid, wordt "blijven de artikelen 17, tweede lid, en 25, tweede lid" vervangen door: blijft artikel 17, derde lid.

1. Ingevolge het enig artikel, eerste lid, van het Besluit van 2 december 2015, Stb. 2015, 465, treedt onderdeel A, onder 1, in werking met ingang van een nader te bepalen tijdstip, red.
2. Gelet op het bepaalde in artikel XIVaa van de Verzamelwet SZW 2013 dient volgens de redactie "In de artikelen 39, tweede en vijfde lid, en 68, tweede lid" te worden vervangen door: In artikel 39, tweede en vijfde lid.
3. Ingevolge het enig artikel, tweede lid, van het Besluit van 2 december 2015, Stb. 2015, 465, treedt onderdeel D in werking met ingang van 11 december 2015, red.

 

Art. III. Algemene Ouderdomswet  [MvT]
De Algemene Ouderdomswet wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 1, eerste lid, worden de onderdelen vanaf het als tweede onderdeel g geletterde onderdeel g tot en met j verletterd tot onderdelen h tot en met k.
B.
In artikel 17c, zesde lid, vervalt ", halfwezenuitkering".
C.¹ [MvT]
In artikel 64b,² tweede lid, wordt "Artikel 8, tweede en derde lid" vervangen door: Artikel 8, tweede tot en met vierde lid.
D.¹ [MvT]
In artikel 64e wordt "Wet tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet in verband met wijziging van de voorwaarden voor de vrijwillige verzekering over een achterliggende periode (Stb. PM)" telkens vervangen door: Wet van 26 november 2014 tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet in verband met wijziging van de voorwaarden voor de vrijwillige verzekering over een achterliggende periode en wijziging van de Participatiewet in verband met wijziging van de berekening en de periodieke aanpassing van de bijstandsnormen voor pensioengerechtigden (Stb. 2014, 502).

1. Ingevolge het enig artikel, tweede lid, van het Besluit van 2 december 2015, Stb. 2015, 465, treden de onderdelen C en D in werking met ingang van 11 december 2015, red.
2. Volgens de redactie dient "artikel 64b" te worden vervangen door: artikel 64a.

 

Art. IV. Arbeidsomstandighedenwet  [MvT]
De Arbeidsomstandighedenwet wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 14, vijfde lid, en artikel 29a, derde lid, vervalt "of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer".
B. [MvT]
In artikel 24, zesde lid, vervalt "of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer,".

 

Art. V. Arbeidstijdenwet  [MvT]
De Arbeidstijdenwet wordt als volgt gewijzigd:
A.¹ [MvT]
In artikel 7:2, tweede lid, wordt na "8:3a, eerste lid," ingevoegd: 8:8, eerste lid,.
B. [MvT]
In artikel 8:7, derde lid, vervalt "of, bij het ontbreken daarvan, het sociaal-fiscaal nummer".

1. Ingevolge het enig artikel, eerste lid, van het Besluit van 2 december 2015, Stb. 2015, 465, treedt onderdeel A in werking met ingang van een nader te bepalen tijdstip, red.

 

Art. VI. Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek  [MvT]
Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 668, derde lid, wordt na de tweede zin een zin ingevoegd, luidende: De vergoeding is verschuldigd vanaf één maand na de dag waarop de verplichting op grond van lid 1 is ontstaan.
B. [MvT]
Artikel 669, vierde lid, komt te luiden:
-4. Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen, kan de werkgever de arbeidsovereenkomst die is aangegaan vóór het bereiken van een tussen partijen overeengekomen leeftijd waarop de arbeidsovereenkomst eindigt, of, indien geen andere leeftijd is overeengekomen, de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd, eveneens opzeggen in verband met of na het bereiken van de tussen partijen overeengekomen leeftijd waarop de arbeidsovereenkomst eindigt, of, indien geen andere leeftijd is overeengekomen, de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd.
C. [MvT]
In artikel 669, vierde lid, wordt "aangegaan" vervangen door:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.