MEMORIE VAN TOELICHTING (bewerkt)

Parlementaire behandeling:
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 1 (koninklijke boodschap)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 2 (voorstel van wet)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 3 (memorie van toelichting)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 4 (advies RvS en nader rapport)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 5 (verslag)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 6
(nota n.a.v. het verslag)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 7 (motie-Schut-Welkzijn)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 8 (motie-Schut-Welkzijn)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 9 (brief Minister van SZW)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 10 (brief Minister van SZW)

- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 11
(brief Minister van SZW)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 336, nr. 12 (brief Minister van SZW)

- Handelingen II 2015-2016, nr. 66, item 9
- Handelingen II 2015-2016, nr. 67, item 22
- Handelingen II 2015-2016, nr. 67, item 23
- Kamerstukken I 2015-2016, 34 336, A (voorlopig verslag)
- Kamerstukken I 2015-2016, 34 336, B (memorie van antwoord)
- Kamerstukken I 2015-2016, 34 336, C (eindverslag)
- Handelingen I 2015-2016, nr  32, item 3

 

 

WET van 1 juni 2016, Stb. 2016, 221, tot wijziging van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet financiering sociale verzekeringen en enkele andere wetten in verband met verbetering van de hybride markt van de regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (Wet verbetering hybride markt WGA). Inwerkingtreding: 1 januari 2017 (Stb. 2016, 222).

 

     WIJ WILLEM-ALEXANDER, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet financiering sociale verzekeringen en enkele andere wetten te wijzigen om aanpassingen aan te brengen in de publieke financiering van de regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten teneinde de hybride markt voor publieke en private verzekeraars te verbeteren;
     Zo is het dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I. Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen  [MvT]
De Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen wordt als volgt gewijzigd:
A. [MvT]
In artikel 42, eerste lid, wordt "artikel 82, eerste en tweede lid" vervangen door: artikel 82, eerste lid.
B. [MvT]
De artikelen 82 tot en met 84 komen te luiden:
Art. 82. Afbakening eigen risico  [MvT]
-1. De eigenrisicodrager draagt met inachtneming van artikel 83 het risico van betaling van de WGA-uitkering aan de verzekerde die op de eerste dag van de bij die uitkering in acht genomen wachttijd tot hem in dienstbetrekking stond dan wel arbeidsongeschikt is geworden nadat de dienstbetrekking met hem is beëindigd en artikel 46 van de Ziektewet van toepassing is, alsmede het risico van betaling van de overlijdensuitkering, bedoeld in artikel 74, eerste lid, aan de rechthebbende of rechthebbenden, bedoeld in dat lid, indien die wachttijd is ingegaan op of na de dag waarop deze werkgever eigenrisicodrager werd.
-2. Indien het eigen risico dragen eindigt, blijft de werkgever het risico, bedoeld in het eerste lid, dragen voor zover de eerste dag van ongeschiktheid tot werken wegens ziekte is gelegen vóór het einde van het eigen risico dragen.
-3. In geval van overgang van een onderneming in de zin van artikel 662 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede in geval van een dergelijke overgang bij faillissement, wordt het risico van de betaling van de WGA-uitkering aan de verzekerde die op de eerste dag van de bij die uitkering in acht genomen wachttijd in dienstbetrekking stond tot de werkgever die de onderneming heeft overgedragen, alsmede het risico van betaling van de overlijdensuitkering, bedoeld in artikel 74, eerste lid, aan de rechthebbende of rechthebbenden, bedoeld in dat lid, in afwijking van het tweede lid gedragen door de werkgever die de onderneming verkrijgt, indien:
a. de werkgever die de onderneming overdraagt geen eigenrisicodrager is en de werkgever die de onderneming verkrijgt eigenrisicodrager is of wordt;
b. de werkgever die de onderneming overdraagt eigenrisicodrager is; of
c. de werkgever die de onderneming overdraagt een werkgever is wiens eigen risico dragen is beëindigd of geëindigd als bedoeld in het tweede lid.
-4. Indien in de situatie, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, slechts een deel van de onderneming overgaat, vindt het derde lid, onderdeel a, toepassing naar rato van het deel van de loonsom dat het overgegane deel van de onderneming deel uitmaakte van de gehele onderneming in het kalenderjaar voorafgaande aan dat van overgang.
-5. Indien in de situatie, bedoeld in het derde lid, onderdeel b of c, slechts een deel van de onderneming overgaat, blijft het risico van de betaling van de uitkering berusten bij de werkgever die een deel van de onderneming overdraagt.
-6. Het eerste lid is niet van toepassing indien de uitkering wordt toegekend aan de verzekerde die in de dienstbetrekking waaruit de WGA-uitkering is ontstaan recht had op een uitkering op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel e, 29a, 29b of 29d van de Ziektewet, dan wel indien de uitkering wordt toegekend in aansluiting op een uitkering toegekend op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, of in aansluiting op een periode waarin recht op arbeidsondersteuning op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten bestond.
-7. Het eerste lid is niet van toepassing indien de uitkering wordt toegekend aan een werknemer die naar de dienstbetrekking waaruit de uitkering is ontstaan, is toegeleid door het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet en waarbij bij ziekte van die werknemer de mogelijkheid tot vergoeding als bedoeld in artikel 8a, tweede lid, onderdeel b, van die wet zoals die luidde op 31 december 2015 van toepassing was.
Art. 83. Periode van eigen risico dragen  [MvT]
-1. De eigenrisicodrager draagt gedurende een bij ministeriële regeling te bepalen periode nadat het recht op een WGA-uitkering is ontstaan het eigen risico, bedoeld in artikel 82.
-2. Indien een WGA-uitkering wordt toegekend direct aansluitend op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, wordt de duur van de arbeidsongeschiktheidsuitkering in mindering gebracht op de periode, bedoeld in het eerste lid.
-3. Indien artikel 24 is toegepast, wordt de periode, bedoeld in het eerste lid, bekort met de duur van het verlengde tijdvak, bedoeld in artikel 24, eerste lid.
Art. 84. Betaling bij eigen risico dragen  [MvT]
-1. De eigenrisicodrager is bevoegd, met inachtneming van artikel 72, de door het UWV toegekende WGA-uitkering en de overlijdensuitkering, bedoeld in artikel 74, eerste lid, namens het UWV te betalen aan de verzekerde, bedoeld in artikel 82, eerste lid, onderscheidenlijk de rechthebbende of rechthebbenden, bedoeld in artikel 74, eerste lid.
-2. De door de eigenrisicodrager op grond van het eerste lid aan de verzekerde betaalde loonaanvullingsuitkering, bedoeld in hoofdstuk 7, en de vervolguitkering, bedoeld in artikel 62, vijfde lid, voor zover die uitkeringen meer bedragen dan hetgeen berekend is op grond van het eerste en vierde lid van dat artikel, alsmede de op grond van enige wet hierover verschuldigde premies die daarop niet in mindering kunnen worden gebracht en de verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, over deze beide uitkeringen, kunnen door hem op het UWV worden verhaald.
-3. Indien de eigenrisicodrager de uitkering en de overlijdensuitkering niet betaalt, betaalt het UWV deze uitkering en deze overlijdensuitkering en verhaalt het UWV de uitkering en de overlijdensuitkering, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering en deze overlijdensuitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering en deze overlijdensuitkering in mindering kunnen worden gebracht en de verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, over deze uitkering en deze overlijdensuitkering, op de eigenrisicodrager. Op de eigenrisicodrager wordt evenwel niet verhaald hetgeen deze, als hij de uitkering en de overlijdensuitkering wel had betaald, op grond van het tweede lid op het UWV had kunnen verhalen.
-4. Indien de eigenrisicodrager in staat van faillissement is verklaard, of indien ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel indien hij ophoudt werkgever te zijn, betaalt het UWV:
a. de WGA-uitkering en verhaalt het deze uitkering, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht en de verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, over deze uitkering, voor zover deze is betaald over de periode, bedoeld in artikel 83, op de bank of verzekeraar, bedoeld in artikel 40, tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen;
b. de kosten die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van artikel 30a, eerste lid juncto derde lid, onderdeel c, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen en verhaalt het deze kosten op de werkgever, bedoeld in de eerste zin, of de bank of verzekeraar, bedoeld in artikel 40, tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de soort en de omvang van de kosten, bedoeld in de eerste zin.
-5. In de situatie, bedoeld in artikel 82, vierde lid, berust de betaling van de uitkering bij het UWV. Het UWV verhaalt op de eigenrisicodrager de uitkering, bedoeld in de vorige zin, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht en de verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, over deze uitkering.
-6. Het UWV kan de in het derde lid bedoelde bedragen invorderen bij dwangbevel.
C. [MvT]
In artikel 86, eerste lid, wordt "artikel 83, derde lid" vervangen door: artikel 84, derde lid.
D. [MvT]
In artikel 89, derde lid, wordt "artikel 83, derde lid" vervangen door: artikel 84, derde lid.
E. [MvT]
In artikel 115 wordt "artikel 83" vervangen door "artikel 84".
F. [MvT]
Aan hoofdstuk 13 wordt een artikel, waarvan de nummering aansluit op het laatste artikel van dat hoofdstuk, toegevoegd, luidende:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.