MEMORIE VAN TOELICHTING (bewerkt)

Parlementaire behandeling:
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 1 (koninklijke boodschap)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 2 (voorstel van wet)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 3 (memorie van toelichting)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 4 (advies RvS en nader rapport)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 5 (amendement-Bouwmeester)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 6 (verslag)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 7 (nota n.a.v. het verslag)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 8 (nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 9 (amendement-Leijten)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 10 (tweede nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2015-2016, 34 333, nr. 11 (gewijzigd amendement-Bouwmeester)
- Kamerstukken II 2016-2017, 34 333, nr. 12 (brief Minister van VWS)
- Kamerstukken II 2016-2017, 34 333, nr. 13 (derde nota van wijziging)
- Kamerstukken II 2016-2017, 34 333, nr. 14 (motie-Leijten)

- Handelingen II 2015-2016, nr. 95, item 25
- Handelingen II 2016-2017, nr. 28, item 35
- Handelingen II 2016-2017, nr. 31, item 10
- Handelingen II 2016-2017, nr. 31, item 11
- Kamerstukken I 2016-2017, 34 333, A (gewijzigd voorstel van wet)
- Kamerstukken I 2016-2017, 34 333, B (voorlopig verslag)
- Kamerstukken I 2016-2017, 34 333, C (memorie van antwoord)
- Kamerstukken I 2016-2017, 34 333, D (eindverslag)
- Handelingen I 2016-2017, nr. 20, item 3

 

 

WET van 8 maart 2017, Stb. 2017, 99, tot wijziging van de Zorgverzekeringswet, de Wet marktordening gezondheidszorg en de Wet financiering sociale verzekeringen in verband met grensoverschrijdende zorg. Inwerkingtreding: 1 januari 2018 (Stb. 2017, 208).

 

     WIJ WILLEM-ALEXANDER, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo, Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is het nationaal contactpunt voor grensoverschrijdende zorg wettelijk te verankeren, informatieverzameling voor Europese rapportages te faciliteren, de berekening en inning van verdragsbijdrage van verdragsgerechtigden in het buitenland te specificeren, de administratie van en het toezicht op zorg aan buitenlands verzekerden en verdragsgerechtigden in Nederland te versterken en de coördinerende rol van een verbindingsorgaan voor grensoverschrijdende zorg wettelijk te regelen;
     Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I.  [MvT]
De Zorgverzekeringswet wordt als volgt gewijzigd:
A. Vervallen. [MvT]
B.¹ [MvT]
In artikel 39, derde lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het eind van onderdeel g door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
h. de vergoedingen, bedoeld in artikel 123, vijfde lid, voor zover het zorg en andere diensten uit hoofde van deze wet betreft.
C.² [MvT]
Artikel 69 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het tweede lid komt te luiden:
-2. De personen, bedoeld in het eerste, vijftiende en zestiende lid, zijn een bij ministeriële regeling te bepalen bijdrage verschuldigd.
2. Onder vernummering van het derde tot en met dertiende lid tot zesde tot en met zestiende lid worden drie leden ingevoegd, luidende:
-3. Bij de vaststelling van de bijdrage, bedoeld in het tweede lid, wordt rekening gehouden met een bij ministeriële regeling te bepalen verhouding tussen de gemiddelde uitgaven voor zorg voor een persoon in het woonland van de rechthebbende ten laste van de sociale zorgverzekeringen in dat land en de gemiddelde uitgaven voor zorg voor een persoon in Nederland uit hoofde van deze wet en de Wet langdurige zorg.
-4. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald:
a. over welk jaar het inkomen bij wijze van grondslag voor de bijdrage, bedoeld in het tweede lid, wordt berekend en onder welke omstandigheden van dat jaar kan worden afgeweken;
b. welk deel van de bijdrage, bedoeld in het tweede lid, voor de toepassing van de Wet op de zorgtoeslag als premie voor een zorgverzekering wordt beschouwd.
-5. De bijdrage van een persoon, bedoeld in het eerste lid, van 18 jaar of ouder die ingevolge de verordening, de overeenkomst of het verdrag, bedoeld in het eerste lid, als gezinslid wordt aangemerkt, is verschuldigd door degene van wie het recht op zorg van dat gezinslid ingevolge die verordening, die overeenkomst of dat verdrag is afgeleid.
3. Het zevende lid (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
a. "twaalfde en dertiende lid" wordt vervangen door: vijftiende en zestiende lid;
b. "tweede en derde lid" wordt vervangen door: tweede en zesde lid.
4. Het tiende lid (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
a. in onderdelen a en b wordt "vierde lid" telkens vervangen door: zevende lid;
b. onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel b door een puntkomma wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
c. kan, voor gevallen waarin een persoon als bedoeld in het eerste lid van meer dan één orgaan pensioen of rente ontvangt, worden bepaald dat het Zorginstituut één orgaan aanwijst dat de bijdrage van die persoon en de bijdragen van de gezinsleden van die persoon inhoudt op door dat orgaan aan die persoon verschuldigde pensioen of rente, of indien het in te houden bedrag groter is dan dat pensioen of die rente, twee of meer organen aanwijst die elk een deel van dat bedrag inhouden. Daarbij kan worden bepaald dat een deel van het pensioen of de rente wordt vrijgesteld van inhouding door het aangewezen orgaan.
5. Het dertiende lid (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
a. "tweede of derde lid" wordt vervangen door: tweede of zesde lid;
b. "negende lid" wordt vervangen door twaalfde lid.
6. In het veertiende lid (nieuw) wordt "negende lid" vervangen door: twaalfde lid.
D.³ [MvT]
Na artikel 69 worden twee artikelen ingevoegd, luidende:
Art. 69a. [MvT]
-1. Het Zorginstituut bevordert de rechtmatige en doelmatige uitvoering van de verordeningen, de overeenkomsten en de verdragen, bedoeld in artikel 69, eerste lid.
-2. Het Zorginstituut kan met het oog hierop richtlijnen geven.
Art. 69b. [MvT]
-1. Het Zorginstituut is het nationale contactpunt, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van Richtlijn 2011/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2011 betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg (PbEU 2011, L 88).
-2. Het Zorginstituut draagt zorg voor de uitvoering van de taken die bij de richtlijn, bedoeld in het eerste lid, zijn toebedeeld aan het nationale contactpunt.
-3. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de uitvoering van de taken, bedoeld in het tweede lid.
E.³* [MvT]
Na artikel 122a wordt een artikel ingevoegd, luidende:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.