MEMORIE VAN TOELICHTING (bewerkt)

Parlementaire behandeling:
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. A (oorspronkelijke tekst VvW en MvT)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. B (advies RvS en nader rapport)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. 1-2 (koninklijke boodschap en voorstel van wet)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. 3 (memorie van toelichting)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. 4 (brief Minister van VWS)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. 5 (amendement-Oudkerk)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. 6 (amendement-Oudkerk)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. 7 (motie-M.M.H. Kamp)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. 8 (nota van wijziging)
- Kamerstukken II 1996-1997, 25 258, nr. 9 (verslag)
- Kamerstukken II 1997-1998, 25 258, nr. 10 (nota n.a.v. het verslag)
- Kamerstukken II 1997-1998, 25 258, nr. 11 (tweede nota van wijziging)
- Kamerstukken II 1997-1998, 25 258, nr. 12 (brief Minister van VWS)
- Kamerstukken II 1997-1998, 25 258, nr. 13 (brief Minister van VWS)
- Kamerstukken II 1998-1999, 25 258, nr. 14 (brief Minister van VWS)
- Kamerstukken II 2000-2001, 25 258, nr. 4 (brief Minister van VWS)
- Handelingen II 1996-1997, blz. 5085-5103
- Handelingen II 1996-1997, blz. 5124-5125
- Handelingen II 1997-1998, blz. 3527-3550
- Handelingen II 1997-1998, blz. 3612
- Kamerstukken I 1997-1998, 25 258, nr. 237 (gewijzigd voorstel van wet)
- Kamerstukken I 1997-1998, 25 258, nr. 237a (voorlopig verslag)
- Kamerstukken I 1997-1998, 25 258, nr. 237b (memorie van antwoord)
- Kamerstukken I 1997-1998, 25 258, nr. 237c (nader voorlopig verslag)
- Kamerstukken I 1998-1999, 25 258, nr. 61 (nadere memorie van antwoord)
- Kamerstukken I 1998-1999, 25 258. nr. 61a (verslag)
- Kamerstukken I 1998-1999, 25 258, nr. 61b (nota n.a.v. het verslag)
- Kamerstukken I 1998-1999, 25 258, nr. 61c (brief Minister van VWS)
- Kamerstukken I 1998-1999, 25 258, nr. 61d (brief Minister van VWS)
- Handelingen I 1998-1999, blz. 468-481

 

 

 

WET van 24 december 1998, Stb. 1999, 16, tot wijziging van de Ziekenfondswet en de Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen in verband met het invoeren van de aanspraak op medisch-specialistische zorg, verleend door of vanwege een ziekenhuis. Inwerkingtreding: 1 februari 2000 (Stb. 1999, 271).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
     Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is dat er een integratie tot stand komt van medisch-specialistische zorg en ziekenhuiszorg en met het oog daarop de verstrekkingen dienen te worden geherformuleerd;
     Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

 

 

Art. I.  [MvT]
De Ziekenfondswet wordt gewijzigd als volgt:
A. [MvT]
Artikel 8 komt te luiden:
Art. 8.
-1. De verzekerden hebben, voor zover daarop geen aanspraak bestaat ingevolge de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, ter voorziening in hun geneeskundige verzorging aanspraak op de navolgende verstrekkingen:
a. medisch-specialistische zorg, verleend door of vanwege een ziekenhuis, al dan niet gepaard gaande met opneming gedurende het etmaal of een deel daarvan, verpleging, verzorging, paramedische hulp of farmaceutische hulp;
b. revalidatiezorg van medisch-specialistische, paramedische, gedragswetenschappelijke en revalidatietechnische aard;
c. medisch-specialistische zorg, anders dan bedoeld onder a;
d. huisartsenzorg;
e. verloskundige zorg;
f. kraamzorg;
g. tandheelkundige zorg;
h. paramedische zorg;
i. hulpmiddelen;
j. farmaceutische zorg.
-2. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat op verstrekking van andere zorg dan de zorg, bedoeld in het eerste lid, aanspraak bestaat.
-3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan de inhoud en omvang van de aanspraken nader worden geregeld en kunnen voor het tot gelding brengen van de aanspraken voorwaarden worden gesteld.
-4. Bij algemene maatregel van bestuur kan als voorwaarde voor het tot gelding brengen van aanspraken worden bepaald dat de verzekerde een bijdrage in de kosten betaalt. Daarbij kan worden bepaald dat het vaststellen van de hoogte van de bijdrage en een maximum van bijdragen bij ministeriƫle regeling geschiedt. De bijdrage hoeft niet voor alle verzekerden gelijk te zijn.
-5. Ziekenfondsen dragen er zorg voor dat de bij hen ingeschreven verzekerden hun aanspraken tot gelding kunnen brengen.
-6. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden geregeld in welke omvang, in welke mate en onder welke voorwaarden een verstrekking wordt voortgezet na het tijdstip waarop de verzekering is geƫindigd.
B. [MvT]
Artikel 44, eerste lid, komt te luiden:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.