Zie ook:
- Bekendmaking landen waarin niet langer recht bestaat op een socialeverzekeringsuitkering

- Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israël

- Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israël inzake sociale zekerheid, met Protocol, betreffende herziening van het op 25 april 1984 te Jeruzalem ondertekende Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israël

 

 

Nederlandse vertaling:

 

Administratief Akkoord voor de toepassing van het op 25 april 1984 te Jeruzalem tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israël ondertekende Verdrag inzake sociale zekerheid

 

     Overeenkomstig artikel 24 van het Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israël, ondertekend te Jeruzalem op 25 april 1984, zijn de bevoegde autoriteiten van de twee Verdragsluitende Partijen, te weten:

     voor Nederland:

     de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

     voor Israël:

     de Minister van Arbeid en Sociale Zaken,

     voor de toepassing van het Verdrag de volgende bepalingen overeengekomen:

 

HOOFDSTUK I. ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Akkoord:

  • (a) wordt onder „Verdrag" verstaan het Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israël, ondertekend te Jeruzalem op 25 april 1984;

  • (b) hebben de in artikel 1 van het Verdrag omschreven termen de hun in dat artikel toegekende betekenis.

Artikel 2

  • 1 De verbindingsorganen overeenkomstig artikel 24 van het Verdrag zijn:

    • A. in Israël

      het Nationaal Verzekeringsinstituut, Jeruzalem.

    • B. in Nederland

      • a) voor ouderdomspensioenen en pensioenen aan nagelaten betrekkingen en voor kinderbijslagen: de Sociale Verzekeringsbank, Amstelveen;

      • b) in overige gevallen: het Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen (National Institute Social Security) p/a GAK Nederland bv, Amsterdam.

  • 2 De taken van de verbindingsorganen zijn uiteengezet in dit Akkoord. Voor de toepassing van het Verdrag kunnen de verbindingsorganen zich zowel rechtstreeks met elkaar als met de betrokken personen of hun vertegenwoordigers in verbinding stellen.

    Zij zijn elkaar bij de toepassing van het Verdrag behulpzaam.

Artikel 3

  • 1 In de in artikel 7, eerste lid, artikel 8, tweede lid, en artikel 9 van het Verdrag bedoelde gevallen verstrekt het in het tweede lid van dit artikel aangewezen orgaan van de Staat, waarvan de wetgeving van toepassing is, een bewijs waarin wordt verklaard dat de werknemer aan deze wetgeving onderworpen blijft.

  • 2 De organen, bedoeld in het eerste lid zijn:

 

 

 

 

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.