Nederlandse vertaling:

 

Verdrag (no. 71) betreffende de pensioenen van zeelieden

 

     De Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie, door de Raad van Beheer van het Internationaal Arbeidsbureau bijeengeroepen te Seattle en aldaar bijeengekomen op 6 Juni 1946 in haar achtentwintigste zitting,

     besloten hebbende verschillende voorstellen aan te nemen betreffende de pensioenen van zeelieden, welk onderwerp in het tweede punt van de agenda der zitting begrepen is;

     besloten hebbende, dat deze voorstellen de vorm zullen aannemen van een internationaal Verdrag;

     neemt heden, de 28ste Juni 1946, het volgende Verdrag aan, dat genoemd zal worden "Verdrag betreffende de pensioenen van zeelieden, 1946".

 

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt onder de uitdrukking „zeelieden” verstaan iedere persoon, die werkzaam is aan boord of in dienst is van een schip, geen oorlogsschip zijnde, en ingeschreven in een gebied, waarvoor dit Verdrag van kracht is.

Artikel 2

  • 1 Elk Lid van de Internationale Arbeidsorganisatie waarvoor dit Verdrag van kracht is, moet in overeenstemming met zijn nationale wetgeving een stelsel van pensioenen voor zeelieden, die uit de zeedienst ontslag nemen, vaststellen of doen vaststellen.

  • 2 Het stelsel kan die uitzonderingen bevatten, welke het Lid noodzakelijk acht, voor zoveel betreft:

    • a. personen, werkzaam aan boord of in dienst van:

      • 1e. schepen, in overheidsdienst, wanneer die schepen niet voor de handel gebezigd worden;

      • 2e. schepen, die niet voor handelsdoeleinden gebruikt worden voor het vervoer van goederen of passagiers;

      • 3e. vissersvaartuigen;

      • 4e. schepen, gebruikt voor de robbenvangst;

      • 5e. schepen met een bruto tonnenmaat van minder dan 200 register ton;

      • 6e. houten vaartuigen van een primitieve constructie zoals „dhows” of jonken;

      • 7e. schepen, bestemd voor de kustvaart met een bruto tonnenmaat van niet meer dan 300 register ton, voor zoveel het schepen betreft, die ingeschreven zijn in India, en gedurende een tijdvak van ten hoogste vijf jaren na de inschrijving van de bekrachtiging van dit Verdrag door India;

    • b. leden van het gezin van de reder;

    • c. loodsen, niet leden van de bemanning;

    • d. personen, werkzaam aan boord of in dienst van het schip voor rekening van een andere werkgever dan de reder, met uitzondering van radio-officieren en radio-telegrafisten en personeel van de civiele dienst;

    • e. personen, werkzaam in de havens, die gewoonlijk niet op zee te werk worden gesteld;

    • f. loontrekkende personen in overheidsdienst, die recht hebben op uitkeringen, die over het geheel ten minste gelijkwaardig zijn aan die, neergelegd in dit Verdrag;

    • g. personen, die geen beloning voor hun diensten ontvangen of die slechts een nominaal loon ontvangen, of die als beloning uitsluitend een deel van de winst ontvangen;

    • h. personen, die uitsluitend voor eigen rekening werken;

    • i. personen, werkzaam aan boord of in dienst van schepen, bestemd voor de walvisvangst of van fabrieks- of transportschepen op de walvisvangst betrekking hebbende of op andere wijze gebruikt voor de walvisvangst of dergelijke werkzaamheden, op voorwaarden, neergelegd in een collectieve overeenkomst voor de walvisvangst of een soortgelijke bijzondere overeenkomst, gesloten door een betrokken zeeliedenorganisatie, welke het bedrag van het loon, de arbeidsduur en de andere dienstvoorwaarden regelt;

    • j. personen, die niet woonachtig zijn in het gebied van het Lid;

    • k. personen, die niet de nationaliteit van het Lid bezitten.

Artikel 3

  • 1 Het pensioenstelsel zal aan een van de volgende regelen moeten voldoen:

    • a. de pensioenen krachtens dit stelsel geregeld:

 

 

 

 

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.