Zie ook:
- Administratief Akkoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 19 juli 1979 te 's-Gravenhage tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal ondertekende Verdrag inzake sociale zekerheid

 

 

Nederlandse vertaling:

 

Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal

 

     De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

     en

     de Regering van de Republiek Portugal,

     Geleid door de wens de bestaande betrekkingen tussen de beide Staten op het gebied van de sociale zekerheid aan te passen aan de ontwikkelingen welke sedert de inwerkingtreding van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal inzake sociale zekerheid, getekend te ’s-Gravenhage op 21 oktober 1966, in hun wetgevingen hebben plaatsgevonden;

     Besloten hebbende een nieuw verdrag te sluiten ter vervanging van het Verdrag van 12 oktober 1966;

 

TITEL I. Algemene bepalingen

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:

  • a) „grondgebied”:

    wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft:

    het grondgebied van het Koninkrijk in Europa (hierna te noemen „Nederland”);

    wat de Republiek Portugal betreft:

    het grondgebied van Portugal op het Europees vasteland en de eilandengroep Azoren en Madeira (hierna te noemen „Portugal”);

  • b) „onderdaan”:

    wat Nederland betreft: een persoon van Nederlandse nationaliteit;

    wat Portugal betreft: een persoon van Portugese nationaliteit;

  • c) „werknemer”: een loontrekkende of een volgens de wetgeving van de betrokken Verdragsluitende Partij met hem gelijkgestelde persoon;

  • d) „wetgeving”: de wetten, regelingen en statutaire bepalingen en alle andere uitvoeringsmaatregelen, die betrekking hebben op de in artikel 2, eerste lid bedoelde takken en stelsels van sociale zekerheid;

  • e) „bevoegde autoriteit”: de minister of ministers of de met hen overeenkomstige autoriteit onder wie de regelingen inzake sociale zekerheid ressorteren;

  • f) „bevoegd orgaan”: het orgaan waarbij de werknemer is aangesloten op het tijdstip waarop hij om prestaties verzoekt of dat hem prestaties is verschuldigd of zou zijn, indien hij woonde op het grondgebied van de Verdragsluitende Partij waarop dit orgaan is gevestigd;

  • g) „bevoegd land”: de Verdragsluitende Partij op het grondgebied waarvan het bevoegde orgaan is gevestigd;

  • h) „woonplaats”: de normale verblijfplaats;

  • i) „verblijfplaats”: de tijdelijke verblijfplaats;

  • j) „orgaan van de woonplaats”: het orgaan dat ter plaatse waar de belanghebbende woont, bevoegd is de desbetreffende prestaties te verlenen volgens de wetgeving van de Verdragsluitende Partij welke door dit orgaan wordt toegepast, of, indien een zodanig orgaan niet bestaat, het door de bevoegde autoriteit van de betrokken Verdragsluitende Partij aangewezen orgaan;

  • k) „orgaan van de verblijfplaats”: het orgaan dat ter plaatse waar de belanghebbende verblijft, bevoegd is de desbetreffende prestaties te verlenen volgens de wetgeving van de Verdragsluitende Partij welke door dit orgaan wordt toegepast, of, indien een zodanig orgaan niet bestaat, het door de bevoegde autoriteit van de betrokken Verdragsluitende Partij aangewezen orgaan;

  • l) „gezinsleden”: de personen die als zodanig worden aangemerkt of erkend in de wetgeving van de Verdragsluitende Partij op het grondgebied waarvan zij wonen;

  • m) „nagelaten betrekkingen”: de personen die als zodanig worden aangemerkt of erkend in de wetgeving krachtens welke de prestaties worden toegekend;

  • n) „tijdvakken van verzekering”: de tijdvakken van premiebetaling, van dienstbetrekking of van wonen die als tijdvakken van verzekering worden omschreven of aangemerkt ingevolge de wetgeving der zij zijn vervuld of geacht worden te zijn vervuld, alsmede alle met deze tijdvakken gelijkgestelde tijdvakken, voor zover zij als zodanig door deze wetgeving zijn erkend;

  • o) „prestaties”, „uitkeringen”, „verstrekkingen”, „pensioenen” of „renten”: alle prestaties, uitkeringen, verstrekkingen, pensioenen of renten, met inbegrip van alle bedragen ten laste van de openbare middelen, verhogingen in verband met aanpassing aan het loon- of prijsniveau of aanvullende uitkeringen, alsmede uitkeringen ineens in plaats van een pensioen.

Artikel 2

  • 1 Dit Verdrag is van toepassing:

    • A. In Nederland op de wetgeving betreffende:

      • a) de ziekteverzekering (uitkeringen en verstrekkingen bij ziekte en moederschap);

      • b) de arbeidsongeschiktheidsverzekering;

      • c) de ouderdomsverzekering;

      • d) de weduwen- en wezenverzekering;

      • e) de werkloosheidsverzekering;

      • f) de kinderbijslagen.

    • B. In Portugal op de wetgevingen betreffende:

      • a) de algemene regeling van sociale voorzorg inzake ziekte, moederschap, invaliditeit, ouderdom, overlijden, kinderbijslagen en hun aanvullende uitkeringen;

      • b) de bijzondere voorzorgsregelingen of kinderbijslagen;

      • c) de arbeidsongevallen en beroepsziekten;

      • d) de werkloosheidsuitkeringen.

  • 2 Dit Verdrag is eveneens van toepassing op alle wetten of regelingen, waarbij de wetgevingen genoemd in het eerste lid van dit artikel, worden of zullen worden gewijzigd of aangevuld.

    Het is evenwel slechts van toepassing:

    • a) op wetten of regelingen die betrekking hebben op een nieuwe tak van sociale verzekering, indien daartoe een nadere overeenkomst tussen de Verdragsluitende Partijen wordt gesloten;

    • b) op wetten of regelingen die de werking van de bestaande regelingen uitbreiden tot nieuwe groepen van rechthebbenden, indien de Regering van de betrokken Verdragsluitende Partij daartegen niet binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van bedoelde teksten bezwaar maakt bij de Regering van de andere Verdragsluitende Partij.

  • 3 Dit Verdrag is niet van toepassing op de sociale bijstand en evenmin op de bijzondere regelingen voor personen in overheidsdienst of met hen gelijkgestelden.

Artikel 3

  • 1 Dit Verdrag is van toepassing op de Nederlandse en Portugese werknemers op wie de wetgeving van een der Verdragsluitende Partijen van toepassing is of geweest is, alsmede op hun gezinsleden en hun nagelaten betrekkingen, voor zover zij hun rechten ontlenen aan de verzekering van de werknemer.

  • 2 Dit Verdrag is niet van toepassing op diplomatieke en consulaire beroepsambtenaren, met inbegrip van kanselarijbeambten.

Artikel 4

  • 1 Behoudens de bepalingen van dit Verdrag hebben de onderdanen van een Verdragsluitende Partij waarop dit Verdrag van toepassing is, de rechten en verplichtingen voortvloeiende uit de wetgeving van de andere Partij onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van deze Partij.

  • 2 Het in het eerste lid neergelegde beginsel van gelijkheid van behandeling is evenwel niet van toepassing op de bepalingen van de Nederlandse wetgeving betreffende de betaling van verlaagde premies voor de vrijwillige verzekeringen inzake ouderdom en nagelaten betrekkingen.

Artikel 5

  • 1 Tenzij in dit Verdrag anders wordt bepaald, worden de uitkeringen bij invaliditeit, ouderdom of de uitkeringen aan nagelaten betrekkingen, de pensioenen bij arbeidsongevallen of beroepsziekten, en de uitkering bij overlijden, verkregen op grond van de wetgeving van een Verdragsluitende Partij, aan de rechthebbenden uitbetaald, zelfs indien zij hun woonplaats op het grondgebied van de andere Partij vestigen.

  • 2 De sociale verzekeringsuitkeringen van een der Verdragsluitende Partijen worden aan de onderdanen van de andere Partij, die in een derde land wonen, onder dezelfde voorwaarden en in dezelfde mate verleend als aan de eigen onderdanen die in dat derde land wonen.

Artikel 6

De bepalingen inzake vermindering, schorsing of intrekking ingevolge de wetgeving van

 

 

 

 

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.