Authentieke Nederlandse tekst:

 

Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek ten Oosten van de Uruguay

 

     Het Koninkrijk der Nederlanden

     en

     de Republiek ten Oosten van de Uruguay,

     teneinde hun betrekkingen op het gebied van sociale zekerheid te regelen,

     zijn het volgende overeengekomen:

 

TITEL I. ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

  • 1 De hieronder omschreven uitdrukkingen en termen hebben met betrekking tot dit Verdrag de volgende betekenis:

    • a. „Verdragsluitende Partijen’’: de Republiek ten Oosten van de Uruguay en het Koninkrijk der Nederlanden;

    • b. „Grondgebied’’: met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden, het grondgebied van het Koninkrijk in Europa;

    • c. „Wetgeving’’: de Grondwet, de wetten, voorschriften en bepalingen die betrekking hebben op de in artikel 2 van dit Verdrag bedoelde sociale zekerheid;

    • d. „Bevoegde autoriteit’’: met betrekking tot de Republiek ten Oosten van de Uruguay, het Ministerie van Werk en Sociale Zekerheid of een gemachtigd orgaan, en met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden, de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van Nederland;

    • e. „Bevoegd orgaan’’: het orgaan of de organisatie dat respectievelijk die in ieder geval verantwoordelijk is voor de uitvoering van de in artikel 2 van dit Verdrag bedoelde wetgeving. Met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden betreffende de takken van sociale zekerheid genoemd in artikel 2, eerste lid, onder B, letters a, b, c en g: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en betreffende de takken van sociale zekerheid genoemd in artikel 2, eerste lid, onder B, letters d, e en f: de Sociale verzekeringsbank; met betrekking tot de Republiek ten Oosten van de Uruguay: de Socialezekerheidsbank, of elke organisatie bevoegd tot het uitvoeren van een taak die momenteel wordt uitgevoerd door voornoemde organen;

    • f. „Verbindingsorgaan’’: het orgaan dat is belast met de coördinatie en informatie met betrekking tot de bevoegde organen van beide Verdragsluitende Partijen die betrokken zijn bij de uitvoering van dit Verdrag, en dat belast is met het informeren van de belanghebbende partijen omtrent de daaraan ontleende rechten en plichten. In Uruguay: de Socialezekerheidsbank, en in Nederland, betreffende de takken van sociale zekerheid genoemd in artikel 2, eerste lid, onder B, letters a, b, c en g: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, of elke organisatie bevoegd tot het uitvoeren van een taak die momenteel wordt uitgevoerd door voornoemd orgaan, en betreffende de takken van sociale zekerheid bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder B, letters d, e en f: de Sociale verzekeringsbank; of elke organisatie bevoegd tot het uitvoeren van een taak die momenteel wordt uitgevoerd door voornoemde organen;

    • g. „Uitkeringsgerechtigde’’: de persoon die recht heeft op een prestatie;

    • h. „Verzekeringstijdvak’’ of „tijdvak van betaling van premie of bijdrage’’: een tijdvak dat als zodanig wordt aangemerkt in de wetgeving in het kader waarvan dat tijdvak is vervuld, alsmede elk ander tijdvak dat in deze wetgeving daarmee wordt gelijkgesteld.

    • i. „Prestatie’’: iedere uitkering of bijslag of verstrekking zoals voorzien in de in artikel 2 van dit Verdrag genoemde wetgeving, met inbegrip van aanvullingen, verhogingen of herzieningen krachtens deze wetgeving.

  • 2 Alle andere termen of uitdrukkingen die in dit Verdrag worden gebruikt hebben de betekenis die daaraan in de toepasselijke wetgeving wordt toegekend.

Artikel 2. Materiële werkingssfeer

  • 1 Dit Verdrag is van toepassing:

    • a. wat Uruguay betreft, op de wetgeving inzake bijdragen aan de Sociale Zekerheid ten behoeve van pensioenstelsels op basis van het individuele omslag- en kapitalisatiestelsel.

    • b. wat Nederland betreft, op de wetgeving inzake de volgende takken van sociale zekerheid:

    • a. ziekte- en moederschapsuitkeringen;

    • b. arbeidsongeschiktheidsuitkeringen voor werknemers;

    • c. arbeidsongeschiktheidsuitkeringen voor zelfstandigen;

    • d. ouderdomspensioenen;

    • e. nabestaandenpensioenen;

    • f. kinderbijslagen; en voor de toepassing van Titel II van het Verdrag tevens op de wetgeving inzake:

    • g. werkloosheidsuitkeringen.

  • 2 Dit Verdrag is eveneens van toepassing op toekomstige wet- en regelgeving die de in het eerste lid omschreven wet- en regelgeving aanvult of wijzigt.

Artikel 3. Personele werkingssfeer

Dit Verdrag is van toepassing op personen op wie de wetgeving van een of beide Verdragsluitende Partijen van toepassing is of is geweest, alsmede op hun gezinsleden of nabestaanden voorzover zij rechten ontlenen aan deze personen.

Artikel 4. Gelijke behandeling

Tenzij anders bepaald in dit Verdrag, hebben de volgende personen die wonen of verblijven op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij dezelfde rechten en verplichtingen uit hoofde van de wetgeving van die Verdragsluitende Partij als haar eigen onderdanen:

 

 

 

 

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.