Vrouwe Justitia

 

 

 

(Zie ook AAW)


TIP: zoeken binnen deze pagina kan met Ctrl+F

 

LJN AB2831 - Intrekking en terugvordering van de AAW-uitkering omdat, nu betrokkene ondanks herhaald verzoek in gebreke is gebleven de jaarstukken over 1997 in te zenden, niet kan worden vastgesteld of er nog recht op uitkering bestaat. Het bestreden besluit ontbeert een juiste feitelijke grondslag.

LJN AB3236 - Intrekking WAZ-uitkering op de grond dat de mate van arbeidsongeschiktheid ingaande de datum in geding is afgenomen naar minder dan 25%. Vaststelling van het maatmaninkomen, waarbij is uitgegaan van de fiscale winst over de drie jaren voorafgaande aan het intreden van de arbeidsongeschiktheid.

LJN AB3262 - De rechtbank heeft zich ten onrechte onbevoegd verklaard, het verbeterd besluit op bezwaar ten onrechte gekwalificeerd als primair besluit en het beroepschrift ten onrechte doorgezonden naar het Lisv ter behandeling als bezwaarschrift. Terugwijzing van de zaak naar de rechtbank.

LJN AD7713 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Uitgaande van de ten aanzien van betrokkene vastgestelde medische beperkingen moet betrokkene met ingang van de datum in geding in staat worden geacht met de hem voorgehouden functies een zodanig inkomen te verdienen dat geen relevant verlies aan verdiencapaciteit resteert.

LJN AE3404 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat bij het berekenen van zijn maatmaninkomen ten onrechte de investeringsaftrek op het nettobedrijfsresultaat in mindering is gebracht? Uitkomst van de WAZ-schatting. Het Schattingsbesluit WAO, WAZ en Wajong is in dit geval niet van toepassing.

LJN AE4666 - In verband met de winst uit betrokkenes onderneming over 1996 wordt de AAW-uitkering, welke werd berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%, over dat jaar uitbetaald als ware betrokkene 25 tot 35% arbeidsongeschikt. Intrekking van de AAW-uitkering met ingang van 1 januari 1997 en terugvordering over de perioden in geding van onverschuldigd betaalde uitkering. Stelt betrokkene terecht dat de inkomsten uit zijn bedrijf niet geheel zijn verkregen door zijn arbeid, maar grotendeels door het verleasen van zijn melkquotum, het verhuren van aspergevelden en het laten verrichten van werk door loonwerkers?

LJN AF5755 - Vaststelling van het maatmaninkomen. Niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep van het UWV wegens het ontbreken van procesbelang. Het in de Beroepswet geregelde recht van hoger beroep strekt er niet toe om algemene bij appellant levende rechtsvragen beantwoord te krijgen.

LJN AF7494 - Toekenning WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Vaststelling van het maatmaninkomen. Heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat de f 100.000,- aan schadeloosstelling uitsluitend aan de winst over 1995 en 1996 en niet aan daaropvolgende jaren moet worden toegerekend? Toewijzing van renteschadevergoeding.

LJN AF7496 - Opnihilstelling van de grondslag van de WAZ-uitkering omdat betrokkene in de jaren in geding als zelfstandig bakker geen winst heeft gemaakt, maar uitsluitend verlies heeft geleden. Toepassing van het Inkomensbesluit WAZ.

LJN AF7509 - Verlaging van de WAZ-uitkering met toepassing van artikel 58 van de WAZ. Na herberekening van het maatmaninkomen door de bezwaararbeidsdeskundige is betrokkene ingedeeld in de fictieve arbeidsongeschiktheidsklasse 35 tot 45%. Heeft het UWV ook de bijtelling beloning meewerkend echtgenoot terecht als deel van de te anticumuleren inkomsten van betrokkene over 1998 beschouwd?

LJN AF7887 - Herziening WAZ-uitkering, welke laatstelijk werd berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%. Het geldende arbeidsongeschiktheidscriterium als neergelegd in artikel XVI, derde lid, van de Wet TBA. In het onderhavige geval is een onjuiste schattingsmethode gehanteerd.

LJN AF8121 - Na een vijfdejaarsherbeoordeling intrekking van de WAZ-uitkering, welke laatstelijk werd berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. De medische toestand van betrokkene is dusdanig dat kan worden uitgegaan van een toestand met duurzaam benutbare mogelijkheden ten aanzien van arbeid. Zijn betrokkenes medische beperkingen in het door de verzekeringsarts opgestelde belastbaarheidspatroon onderschat?

LJN AF8462 - Weigering WAZ-uitkering op de grond dat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Naar aanleiding van vragen van de CRvB is alsnog een WAZ-uitkering toegekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Dat betrokkene zijn werkzaamheden als zelfstandig garagehouder niet of nauwelijks naar behoren kan verrichten, laat onverlet dat de mate van betrokkenes arbeidsongeschiktheid kan worden bepaald op basis van functies in loondienst.

LJN AH8706 - Toekenning recht op WAZ-bevallingsuitkering van f 59,07 per dag, maar deze uitkering komt niet tot uitbetaling omdat betrokkene met ingang van de datum in geding op grond van artikel 29a van de ZW een uitkering van ziekengeld in verband met bevalling heeft ontvangen die hoger is dan de WAZ-bevallingsuitkering. Er is geen sprake van discriminatie van vrouwen. Het recht op uitkering in verband met bevalling op grond van artikel 22 van de WAZ biedt een voordeel dat is voorbehouden aan vrouwen. De in artikel 59 van de WAZ neergelegde anticumulatiebepaling van dit alleen aan vrouwen toekomend recht met een soortgelijke voorziening in een andere wet - in casu artikel 29a van de ZW - kan geen ongunstige behandeling van vrouwen ten opzichte van mannen met zich meebrengen.

LJN AN7913 - Verlaging WAZ-uitkering met ingang van de datum in geding wegens inkomsten uit arbeid. Moet de toekenning van een winstaandeel worden aangemerkt als inkomsten uit arbeid? Wat betreft de desinvesteringsbijtelling hoeft in het geheel niet vast te staan dat daar arbeid tegenover heeft gestaan.

LJN AN9334 - Proceskostenveroordeling. Is er sprake van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand? Verletkosten van betrokkenes gemachtigde, die tevens haar partner is, komen niet voor vergoeding in aanmerking.

LJN AO2527 - Weigering om betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken in aanmerking te brengen voor een WAZ-uitkering, op de grond dat de mate van arbeidsongeschiktheid minder dan 25% wordt geacht. Gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid voor functies in loondienst. Is de juiste schattingsmethodiek gevolgd?

LJN AO5271 - Niet-uitbetaling van de WAZ-bevallingsuitkering in verband met betrokkenes bruto-inkomsten uit arbeid per dag. Hoogte van het dagloon. Is de rechtbank buiten de omvang van het geding getreden?

LJN AO5295 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Ter uitvoering van de uitspraak van de rechtbank is een WAZ-uitkering toegekend, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Is het dagloon op het juiste bedrag vastgesteld?

LJN AO5323 - Weigering om de WAZ-uitkering, welke laatstelijk werd berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%, te herzien naar een hogere arbeidsongeschiktheidsklasse. Ingevolge artikel XIII, eerste lid, onderdeel b, van de Inga en artikel XVI, eerste lid, van de Wet TBA is op betrokkene van toepassing gebleven het arbeidsongeschiktheidscriterium van artikel 5 van de AAW zoals dit gold in de periode van 1 januari 1987 tot 1 augustus 1993, het zogeheten middencriterium. Uitgaande van de gelijk gebleven medische beperkingen ten opzichte van de situatie per einde wachttijd is op goede gronden de resterende verdiencapaciteit vastgesteld op de uitkomst van de destijds verrichte deeltakenanalyse en urenvergelijking.

LJN AO9154 - Toekenning WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%, maar de uitkering wordt niet uitbetaald wegens inkomsten uit arbeid. Zijn de inkomsten uit verhuur aan te merken als inkomsten uit arbeid? Voorwaarden voor opschorting van de uitkering. Het medisch onderzoek is zorgvuldig en volledig geweest.

LJN AP1043 - Weigering om terug te komen van een eerder genomen, in rechte onaantastbaar geworden besluit (waarbij WAZ-uitkering is geweigerd), omdat niet is gebleken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden en waarbij is overwogen dat bij de Belastingdienst geen gegevens over betrokkene bekend zijn over de jaren in geding. Stelt betrokkene terecht dat uit de overgelegde gegevens blijkt dat hij in het jaar voorafgaande aan het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid wel inkomen uit of in verband met arbeid heeft verworven?

LJN AP1097 - Uitbetaling van de naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80% toegekende WAZ-uitkering over de periode in geding als ware sprake van een mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%, zulks in verband met inkomsten uit arbeid gedurende die periode. Zijn de door betrokkene genoten inkomsten geen inkomsten uit arbeid als bedoeld in artikel 2, vierde lid, van de WAZ?

LJN AP1107 - Hoogte van de WAZ-uitkering. Is betrokkene ernstiger beperkt dan door het UWV is aangenomen? Is terecht een maatregel opgelegd van 20% over de periode in geding omdat de uitkering niet is aangevraagd binnen negen maanden na aanvang van de arbeidsongeschiktheid?

LJN AP1526 - Intrekking van de eerder naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% vastgestelde WAZ-uitkering, omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is het maatmaninkomen juist vastgesteld en is voldoende rekening gehouden met betrokkenes medische klachten? Stelt betrokkene terecht dat ten onrechte de drie jaren voorafgaande aan het jaar van het intreden van de arbeidsongeschiktheid als maatgevende jaren in aanmerking zijn genomen, in welk verband hij erop wijst dat juist in die periode de winst van zijn bedrijf onder druk heeft gestaan als gevolg van de ziekte van zijn echtgenote?

LJN AP1543 - Toekenning WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%, welke uitkering voor het eerst wordt toegekend met ingang van 26 april 1998 (in verband met de indiening van de aanvraag op 27 april 1999). Zijn betrokkenes beperkingen onderschat en zijn ten onrechte geen gegevens bij de behandelend sector ingewonnen? Volgens betrokkene impliceert het niet hebben kunnen voorhouden van voldoende functies in de urenomvang van de maatmanfunctie dat het mediane uurloon voor toepassing van de reductiefactor moet worden gemaximeerd op het maatmanuurloon.

LJN AP2041 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAO- en AAW-uitkering. Terechte niet-ontvankelijkverklaring van de bezwaren wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.

LJN AP2384 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat de rechtbank ten onrechte haar deskundige heeft gevolgd, omdat deze wat betreft de belastbaarheid van betrokkene op de datum in geding is uitgegaan van aangetoonde/aantoonbare onjuistheden op in essentie zes verschillende punten en daarin geen aanleiding heeft gezien tot heroverweging van zijn bevindingen?

LJN AP2488 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht; na bezwaar toekenning van een WAZ-uitkering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Bestrijdt betrokkene terecht de gevolgde methode van actualisering van het maatmaninkomen met behulp van de LEI-indexcijfers en stelt hij terecht dat bij het duiden van de bij de schatting gebruikte functies in onvoldoende mate rekening is gehouden met zijn fysieke beperkingen?

LJN AP2533 - Schatting WAZ-uitkering. Is de belastbaarheid van betrokkene overschat?

LJN AP7931 - Herziening van de eerder naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65% berekende WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. Hebben de betrokken verzekeringsartsen een voldoende zorgvuldig onderzoek ingesteld en is er reden om aan te nemen dat zij een onjuist beeld hebben gehad van de gezondheidssituatie van betrokkene?

LJN AP7973 - Terugwijzing van de zaak naar de rechtbank omdat de rechtbank geen toepassing heeft gegeven aan de Algemene termijnenwet (Atw). Aangezien in dit geval de bezwaartermijn van zes weken eindigt op een algemeen erkende feestdag, te weten Hemelvaartsdag, dient deze termijn met één dag te worden verlengd. Vernietiging van de aangevallen uitspraak wegens strijd met het bepaalde in artikel 6:7 van de Awb en de artikelen 1 en 3 van de Atw.

LJN AQ5449 - Intrekking van de eerder naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% berekende WAZ-uitkering, omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht nog volledig arbeidsongeschikt te zijn vanwege ernstige psychische klachten?

LJN AQ5480 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht; na bezwaar toekenning van een WAZ-uitkering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%. Berust het bestreden besluit in medisch en arbeidskundig opzicht op een juiste grondslag? Heeft de verzekeringsarts een rechtens te honoreren verwachting gewekt dat betrokkene op de datum in geding 80 tot 90% arbeidsongeschikt was te achten?

LJN AQ5958 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Heeft de rechtbank terecht overwogen dat van de kant van betrokkene geen enkel medisch stuk is overgelegd waaruit zou kunnen blijken dat zij meer beperkt is dan door het UWV is aangenomen? Vaststelling van de maatman.

LJN AQ6757 - Niet-uitbetaling van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Is de winst uit onderneming, zoals bij de Belastingdienst aangegeven, aan te merken als inkomsten uit arbeid?

LJN AQ6959 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is het uitgangspunt van 40 gewerkte uren per week voor de berekening van de mate van arbeidsongeschiktheid voldoende onderbouwd en juist?

LJN AQ7211 - Weigering WAZ-uitkering primair omdat betrokkene geschikt wordt geacht om zijn eigen werk weer te verrichten en subsidiair omdat hij geschikt is gangbare arbeid te verrichten. Is betrokkenes belastbaarheid juist vastgesteld?

LJN AQ7381 - Intrekking, naar aanleiding van de eenmalige herbeoordeling op grond van de Wet TBA, van de eerder naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% berekende WAZ-uitkering, omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Zijn de belastbaarheid en de daaraan gekoppelde voorgehouden functies juist vastgesteld? Berekening van het maatmaninkomen.

LJN AQ7384 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Acht betrokkene zichzelf terecht zodanig beperkt dat hij niet in staat is zijn resterende mogelijkheden nog op een als duurzaam te omschrijven wijze te benutten en stelt hij terecht dat de bij de schatting gebruikte functies gezien zijn opleiding en leeftijd niet voor hem geschikt zijn te achten? Berekening van het maatmaninkomen.

LJN AQ7413 - Opschorting van de uitbetaling van de WAZ-uitkering vanwege een onderzoek naar de door betrokkene over 1999 genoten inkomsten uit werkzaamheden in haar eigen bedrijf. Het besluit tot vaststelling van de hoogte van het uitkeringsbedrag is gericht op rechtsgevolg en is derhalve een (appellabel) besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb.

LJN AR2219 - Herziening WAZ-uitkering en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Is terecht geen aanleiding gezien om het voor betrokkene vastgestelde belastbaarheidspatroon voor onjuist te houden?

LJN AR2225 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Het in hoger beroep overgelegde psychiatrische rapport leidt niet tot een ander oordeel.

LJN AR2580 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Niet is gebleken dat betrokkene de werkzaamheden behorende bij de door de arbeidsdeskundige geselecteerde en aan betrokkene voorgehouden functies niet zou kunnen verrichten.

LJN AR2645 - Toekenning van een voorschot op de WAZ-uitkering en vervolgens weigering om WAZ-uitkering te verlenen omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Terugvordering van ten onrechte betaalde uitkering over de periode in geding.

LJN AR2845 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Er liggen aan de schatting voldoende functies ten grondslag die qua belasting de belastbaarheid van betrokkene niet te boven gaan.

LJN AR3860 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Er is geen sprake van overschrijding van de belastbaarheid ten aanzien van de geselecteerde functies.

LJN AR4205 - Herziening van de eerder naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80% berekende WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Zijn de maatman en het maatmaninkomen juist vastgesteld?

LJN AR4437 - Toekenning WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. Stelt betrokkene terecht dat de geduide functies niet geschikt zijn omdat deze zijn belastbaarheid overschrijden, dat ten onrechte geen arbeidsduurbeperking is aangenomen en dat ten onrechte als eerste arbeidsongeschiktheidsdag de datum in geding is genomen?

LJN AR4445 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken met ingang van de datum in geding geschikt wordt geacht voor gangbaar werk. Vergelijking van het voor betrokkene geldende maatmaninkomen met het loon dat hij nog kan verdienen in de voorgehouden functies resulteert in een mate van arbeidsongeschiktheid van minder dan 25%.

LJN AR4722 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Niet-matchende beoordelingspunten in het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS). Zolang het CBBS niet wordt aangepast, worden zwaardere eisen gesteld aan de motivering van schattingsbesluiten.

LJN AR5666 - Is terecht de WAZ-uitkering onder toepassing van artikel 58 van de WAZ uitbetaald als ware betrokkene arbeidsongeschikt naar een mate van 45 tot 55% in verband met de uit zijn bedrijf ontvangen inkomsten uit arbeid? Stelt betrokkene terecht dat zijn aandeel in de bedrijfswinst over 1998 zeer bescheiden is en in elk geval minder dan waarvan het UWV is uitgegaan, zijnde de helft van die winst?

LJN AR5903 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene niet 52 weken onafgebroken arbeidsongeschikt is geweest. Na het einde van de wettelijke wachttijd wordt betrokkene minder dan 25% arbeidsongeschikt geacht. Stelt betrokkene terecht dat onvoldoende is onderzocht gedurende welke perioden hij redelijkerwijze als arbeidsongeschikt kan worden beschouwd?

LJN AR5993 - Tegen het bestreden besluit staat, anders dan onder dat besluit staat vermeld, geen beroep maar bezwaar open. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk had moeten verklaren en het inleidend beroepschrift ter behandeling als bezwaarschrift had moeten doorsturen naar het UWV.

LJN AR6423 - Intrekking van het bestreden besluit hangende het hoger beroep en toekenning van een volledige WAZ-uitkering. Toewijzing van vergoeding van de wettelijke rente over de nabetaalde uitkering.

LJN AR6445 - Herziening van de eerder naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% berekende WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%. Is onvoldoende aandacht gegeven aan betrokkenes psychische klachten en de klachten in verband met een nekhernia?

LJN AR7392 - Intrekking WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Betrokkene ondervindt weliswaar beperkingen bij het verrichten van arbeid, maar met inachtneming van die beperkingen is hij geschikt voor werkzaamheden verbonden aan de door de arbeidsdeskundige geselecteerde functies.

LJN AR8191 - Zijn de bezwaren tegen de ingangsdatum en de hoogte van de toeslag op grond van de TW, respectievelijk de eerstejaars-WAZ-herbeoordeling terecht ongegrond verklaard?

LJN AR8470 - Toekenning, na bezwaar, van een WAZ-uitkering met ingang van 3 mei 2000, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Herziening van de WAZ-uitkering met ingang van 10 mei 2002 naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% en op basis van een grondslag van €55,48 bruto per dag. Is de medische grondslag juist en is uitgegaan van de juiste wachttijd?

LJN AR8475 - Is de WAZ-uitkering gedurende de periode in geding terecht op nihil gesteld in verband met verdiensten over het jaar 1998? Bij de bepaling van het maatmaninkomen van een zelfstandige dient als uitgangspunt te gelden de door de fiscus aanvaarde nettowinst over de laatste drie boekjaren vóór het intreden van de arbeidsongeschiktheid. Voor een afwijking van dit uitgangspunt en/of voor een relativering van deze periode zijn in de situatie van betrokkene geen gronden aanwezig. Met toekomstige ontwikkelingen in het inkomen van de maatman kan in dit geval geen rekening worden gehouden, omdat die niet met een redelijke mate van zekerheid te verwachten zijn.

LJN AR8544 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene niet als verzekerd voor de WAZ kan worden aangemerkt, aangezien hij vanaf mei 1999 in het geheel geen inkomensvormende werkzaamheden ten behoeve van de BV, noch overigens anderszins, meer heeft verricht.

LJN AS2311 - Terechte niet-ontvankelijkverklaring van het beroep in eerste aanleg wegens niet-verschoonbare niet-tijdige betaling van het griffierecht. Betrokkene stelt ten onrechte dat de rechtbank verwarring heeft gezaaid doordat de verschillende sectoren van de rechtbank verschillend omgaan met de uitnodiging tot betaling van griffierecht: in geval van niet-betaling zendt de Sector Kanton een aanmaning, terwijl de Sector Bestuursrecht meteen tot niet-ontvankelijkverklaring overgaat.

LJN AS2780 - Is de toegekende WAZ-uitkering terecht berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%? Er zijn onvoldoende aanknopingspunten voor het oordeel dat de medische beperkingen van betrokkene op de datum in geding op een onjuiste wijze zijn vastgesteld.

LJN AS3526 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Juistheid van de vastgestelde belastbaarheid en de daaraan gekoppelde voorgehouden functies. Stelt betrokkene terecht dat onvoldoende rekening is gehouden met de bevindingen van zijn behandelend psycholoog en dat zijn werkelijke arbeidstijd niet meer dan 40 uur per week heeft omvat?

LJN AS3616 - Toekenning WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. De WAZ-schatting berust op (hooguit) twee geschikte functies, hetgeen ingevolge artikel 4 van het Schattingsbesluit een onvoldoende basis vormt.

LJN AS3980 - Herziening WAZ-uitkering over de perioden in geding en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35% wegens inkomsten uit arbeid als zelfstandige. Is terecht met terugwerkende kracht overgegaan tot toepassing van artikel 58 van de WAZ?

LJN AS3999 - Berekening van de grondslag van de WAZ-uitkering op grond van artikel 8, dertiende lid, van de WAZ. Meewerkend echtgenote.

LJN AS4918 - Toekenning WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80% en gebaseerd op een grondslag van f 22,05 per dag. Omvang van het geding. Door in de aangevallen uitspraak te oordelen dat er geen verlies aan verdienvermogen is en dat de mate van arbeidsongeschiktheid lager is dan 25%, is de rechtbank buiten de grenzen van het geschil getreden en heeft dusdoende gehandeld in strijd met artikel 8:69, eerste lid, van de Awb (verbod van reformatio in peius). Is de grondslag van de WAZ-uitkering juist berekend?

LJN AS5223 - Toekenning WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Stelt betrokkene terecht dat hij met meer beperkingen wordt geconfronteerd dan door het UWV is aangenomen?

LJN AS5617 - Niet-uitbetaling van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering over de periode in geding. Stelt betrokkene terecht dat het UWV ten onrechte toepassing heeft gegeven aan artikel 58 van de WAZ, dat de terugvordering - en zeker tot een brutobedrag - onrechtmatig is nu deze louter het gevolg is van beoordelingsfouten aan de zijde van het UWV, dat te veel wordt teruggevorderd en dat het invorderingsbedrag onredelijk hoog is?

LJN AS5650 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Zijn de mate van arbeidsongeschiktheid en het maatmaninkomen juist vastgesteld? Bij de bepaling van het maatmaninkomen van een zelfstandige voor de gevallen waarin dat praktisch mogelijk is, moet steeds als uitgangspunt gelden de door de fiscus aanvaarde nettowinst over de laatste drie boekjaren vóór het intreden van de arbeidsongeschiktheid. Winstverdeling tussen de echtgenoten.

LJN AS6770 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Voor twee van de vier geselecteerde functies is niet afdoende gemotiveerd dat betrokkene de aan die functies verbonden werkzaamheden moet kunnen verrichten, waardoor het bestreden besluit een deugdelijke arbeidskundige grondslag ontbeert.

LJN AS8313 - De intrekking van de WAZ-uitkering berust op een ondeugdelijke medische grondslag en kan deswege geen stand houden.

LJN AS8315 - Het besluit tot weigering van WAZ-uitkering kan zowel gelet op de medische als arbeidskundige aspecten in rechte stand houden. Er blijven voldoende functies over om de schatting op te baseren.

LJN AS8322 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Blijven de geduide functies binnen de voor betrokkene vastgestelde belastbaarheid? De drie voor de schatting gebruikte functies voldoen aan de uitgangspunten.

LJN AS8351 - Ongewijzigde vaststelling van de WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Stelt betrokkene terecht dat haar belastbaarheid niet gelijk gebleven doch verminderd is en dat zij niet in staat is de hele dag te werken?

LJN AS9456 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Betrokkene kan zich niet verenigen met de op basis van het belastbaarheidspatroon vastgestelde arbeidsmogelijkheden en acht zich op grond van de bij haar aanwezige lichamelijke en geestelijke beperkingen niet in staat en geschikt om de geselecteerde functies uit te voeren.

LJN AT1532 - Beëindiging AAW-uitkering omdat er geen sprake (meer) is van op ziekte of gebreken terug te voeren arbeidsbeperkingen.

LJN AT1597 - Is terecht besloten dat de WAZ-uitkering slechts wordt uitbetaald voor zover deze de bevallingsuitkering ingevolge de ZW overtreft?

LJN AT1791 - Schatting WAZ-uitkering. Medische beoordeling en de vaststelling van het maatmaninkomen.

LJN AT3069 - Weigering WAZ-uitkering ingevolge de Nederlandse arbeidsongeschiktheidswetgeving voor zelfstandigen omdat betrokkene ten tijde van het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid niet verzekerd was ingevolge de Canadese wetgeving inzake pensioenen, zijnde het CPP.

LJN AT3346 - Afwijzing van het verzoek om terug te komen van de intrekking van de WAZ-uitkering omdat geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zijn aangevoerd.

LJN AT3544 - Zelfstandig stukadoor. Herziening AAW-uitkering. Overlegging van de jaarstukken.

LJN AT3608 - Vijfdejaarsherbeoordeling inzake het recht op WAZ-uitkering.

LJN AT3776 - Schatting WAZ-uitkering. De medische en arbeidskundige bezwaren zijn niet onderbouwd.

LJN AT3818 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene, na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken, minder dan 25% arbeidsongeschikt was.

LJN AT3941 - Vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag voor de WAZ-uitkering.

LJN AT4842 - WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%.

LJN AT4854 - WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%. Zorgvuldige medische beoordeling; de medische beperkingen zijn niet onderschat.

LJN AT4926 - Intrekking WAZ-uitkering van een gedetineerde. Ten onrechte is de uitkering met een overgangstermijn van (slechts) één maand ingetrokken.

LJN AT5223 - Aanvraag WAZ-uitkering. Vaststelling van de beperkingen en het verlies aan verdiencapaciteit van een bakker.

LJN AT5263 - Vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid van een veehoudster in een maatschap.

LJN AT5883 - Weigering bevallingsuitkering op grond van artikel 22 van de WAZ, omdat de zwangerschap korter dan 24 weken heeft geduurd.

LJN AT6277 - Schatting WAO. Vaststelling van het belastbaarheidspatroon en de geschiktheid voor de voorgehouden functies. Bestond er aanleiding tot nader medisch onderzoek?

LJN AT6437 - Weigering WAZ-uitkering. Meewerkende echtgenote. Het aan betrokkene toekomende deel van de bedrijfswinst had dienen te worden vastgesteld door die winst te vermenigvuldigen met de zogeheten a/b-factor.

LJN AT6654 - Zelfstandige. Weigering bevallingsuitkering WAZ, aangezien de (tweeling)zwangerschap minder dan 24 weken heeft geduurd. Memorie van toelichting bij de WAZ. Het Lisv-beleid inzake 24-wekengrens is acceptabel.

LJN AT6720 - Terugvordering van AAW- en WAZ-uitkering wegens te veel genoten uitkering. Er zijn geen dringende reden aanwezig om geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien.

LJN AT6794 - Schatting WAZ-uitkering. Ten onrechte is bij de anticumulatie het maatmaninkomen exclusief overhevelingstoeslag en het fiscale salaris inclusief overhevelingstoeslag gehanteerd.

LJN AT6798 - Zelfstandig ondernemer met meewerkende echtgenote. Is de intrekking van de WAZ-uitkering op basis van de inkomens in de aangiften inkomstenbelasting terecht? Is de gehanteerde winstverdeling tussen de echtgenoten juist? Is de brutoterugvordering juist?

LJN AT7185 - WAO-uitkering. Verzoek om het eerder vastgestelde maatmaninkomen te herzien. Is er sprake van nieuwe feiten?

LJN AT7641 - Toekenning WAZ-uitkering met terugwerkende kracht tot één jaar vóór de datum van de aanvraag. Is terecht besloten dat er geen sprake is van een bijzonder geval als bedoeld in artikel 36, tweede lid, van de WAZ?

LJN AT7643 - Schatting WAZ-uitkering. Er zijn onvoldoende geschikte functies in verband met de schatting geselecteerd. Onjuiste toedeling van de winst uit onderneming aan betrokkene en zijn partner.

LJN AT7746 - Onjuiste schatting WAZ-uitkering. De berekening van de mate van arbeidsongeschiktheid heeft als uitkomst dat betrokkene 25% arbeidsongeschikt is, zodat aan hem een uitkering ingevolge de WAZ toekomt.

LJN AT7749 - Zelfstandig horecaondernemer, uitgevallen vanwege contacteczeem- en rugklachten. Weigering WAZ-uitkering. Zijn de beperkingen onderschat? Kan betrokkene de geselecteerde functies verrichten?

LJN AT8082 - Directeur van een wapen- en sportartikelenzaak, uitgevallen vanwege rug-, schouder- en pijnklachten. Weigering WAZ-uitkering. Vernietiging van het bestreden besluit wegens een procedureel gebrek (niet horen). Is er sprake van zorgvuldig medisch onderzoek?

LJN AT8450 - Zelfstandig caféhouder. Weigering WAZ-uitkering. Psychische klachten. Is betrokkene geschikt voor de geselecteerde loondienstfuncties?

LJN AT9096 - Schatting WAZ-uitkering. Juistheid van het vastgestelde belastbaarheidspatroon. Geselecteerde functies.

LJN AU0468 - Weigering WAZ-uitkering, onder de overweging dat niet voldaan wordt aan de voorwaarden om als zelfstandige, beroepsbeoefenaar of meewerkend echtgenoot te kunnen worden beschouwd.

LJN AU0472 - Intrekking en terugvordering van WAZ-uitkering. Inkomsten uit arbeid.

LJN AU0500 - Herziening WAZ-uitkering. Inkomsten uit arbeid. Fiscale keuze.

LJN AU0612 - Is terecht geweigerd aan betrokkene een WAZ-uitkering toe te kennen?

LJN AU0915 - Schatting WAZ-uitkering. Medische beoordeling. Is bij de selectie van de functies onvoldoende rekening gehouden met de uit een whiplash voortvloeiende klachten?

LJN AU0991 - Intrekking WAZ-uitkering. Juistheid van de medische en arbeidskundige grondslag.

LJN AU0993 - Met het nieuwe besluit inzake WAZ-uitkering is aan het beroep geheel tegemoet gekomen. Geen vergoeding van de kosten van de bezwaarprocedure omdat er geen sprake is van een tegen beter weten in genomen besluit.

LJN AU1218 - Weigering WAZ-uitkering. Strijd met het Schattingsbesluit. Het besluit berust niet op ten minste drie verschillende in Nederland uitgeoefende functies.

LJN AU1428 - Overschrijding van de bezwaartermijn. Hetgeen is aangevoerd, biedt onvoldoende grond om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten.

LJN AU1877 - Schatting WAZ-uitkering. Het bestreden besluit steunt, in strijd met het bepaalde in het Schattingsbesluit, slechts op twee functies.

LJN AU1884 - De gevorderde kosten in bezwaar blijven buiten beschouwing omdat niet is voldaan aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor toekenning.

LJN AU1990 - Herziening WAZ-uitkering. Is terecht besloten dat betrokkene niet voor verhoging van haar uitkering in aanmerking komt omdat de medische beperkingen niet zijn toegenomen?

LJN AU2076 - Juistheid van de weigering van de WAZ-uitkering. Oordeel van de ingeschakelde deskundige. Er zijn onvoldoende aanknopingspunten voor het standpunt dat er bij betrokkene geen sprake is van een ziekte of gebrek.

LJN AU2258 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAO-uitkering. Vastgestelde aflossingscapaciteit.

LJN AU2300 - Weigering WAO-uitkering. Er zijn geen aanknopingspunten voor het standpunt dat gedaagde van onjuiste medische beperkingen is uitgegaan en de ingangsdatum van betrokkenes arbeidsongeschiktheid ten onrechte op 1 november 1997 heeft gesteld.

LJN AU2512 - Is terecht besloten dat betrokkene geen recht heeft op een WAZ-uitkering omdat de mate van haar arbeidsongeschiktheid minder dan 25% bedraagt. Vaststelling van het maatmanloon.

LJN AU2726 - Intrekking WAZ-uitkering. Betrokkene wordt geschikt geacht de door de arbeidsdeskundige geselecteerde functies te verrichten.

LJN AU2903 - Intrekking WAZ-uitkering. De deugdelijkheid van het medisch onderzoek en de geschiktheid voor de voorgehouden functies.

LJN AU3051 - Weigering WAZ-uitkering. Het oordeel van de door de CRvB ingeschakelde deskundige.

LJN AU3065 - De WAZ-uitkering is op nihil gesteld vanwege samenloop van rechten voortvloeiende uit de WAO en de WAZ.

LJN AU3938 - Is terecht het standpunt ingenomen dat er bij betrokkene op de in geding zijnde datum geen sprake was van arbeidsongeschiktheid in de zin van de WAZ?

LJN AU3982 - De overschrijding van de bezwaartermijn is niet verschoonbaar.

LJN AU4105 - Zijn de voor betrokkene geldende beperkingen juist vastgesteld en is op basis daarvan terecht geoordeeld dat het verlies aan verdiencapaciteit van betrokkene minder dan 25% bedroeg?

LJN AU4353 - Is terecht geweigerd betrokkene een WAZ-uitkering toe te kennen? Er is geen sprake van toegenomen beperkingen.

LJN AU4360 - Heeft het UWV bij de toepassing van artikel 58 van de WAZ een bedrag van f 10.581,- ten onrechte meegerekend als behorende tot de normale jaarwinst van betrokkene over het (boek)jaar 1999? Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering.

LJN AU5218 - Korting op de WAO- en WAZ-uitkering omdat de in aanmerking te nemen inkomsten uit arbeid zijn verkregen. De fiscus heeft de pensioendotaties door de BV niet aangemerkt als inkomsten uit arbeid. Is er sprake van bijzondere omstandigheden die afwijking van de fiscale keuze rechtvaardigen?

LJN AU5221 - Aan betrokkene wordt alsnog WAZ-uitkering toegekend. Toekenning van schadevergoeding in de vorm van wettelijke rente.

LJN AU5609 - De weigering van WAZ-uitkering op de grond dat betrokkene niet gedurende een periode van 52 weken arbeidsongeschikt is geweest, berust op een ontoereikende medische grondslag.

LJN AU5809 - Is terecht geweigerd een verklaring betreffende de toepasselijke wetgeving als bedoeld in artikel 12bis, tweede lid, van EG-Verordening 574/72 aan betrokkene af te geven met betrekking tot de toepassing van de Nederlandse wetgeving op betrokkene?

LJN AU5816 - Is terecht geweigerd een verklaring betreffende de toepasselijke wetgeving als bedoeld in artikel 12bis, tweede lid, van EG-Verordening 574/72 aan betrokkene af te geven met betrekking tot de toepassing van de Nederlandse wetgeving?

LJN AU5904 - De schatting van de WAZ-uitkering berust niet op een deugdelijke motivering. Geschiktheid voor de maatgevende arbeid.

LJN AU6617 - Schatting WAZ-uitkering. Belastbaarheidspatroon. Maatmaninkomen.

LJN AU6937 - Zelfstandig varkenshouder. Het bedrijf is ingebracht in een BV. Directeur-grootaandeelhouder. WAO-schatting. Maatmaninkomen. Reële afspiegeling van het inkomen vóór het intreden van de arbeidsongeschiktheid.

LJN AU6965 - Weigering WAZ-uitkering. Betrokkene is met beperkingen geschikt voor passend werk. Hersenvliesontsteking op 5-jarige leeftijd. Chronisch vermoeidheidssyndroom. Psychische klachten.

LJN AU7112 - Eigenaar van een detailhandel en reparatiebedrijf in audiovisuele apparatuur. Fibromyalgie. Weigering AAW/WAZ-uitkering. Is er sprake van een relevant verlies aan verdiencapaciteit? Verschuiving van werkzaamheden.

LJN AU7272 - Weigering WAZ-uitkering. Toename arbeidsongeschiktheid. Twijfel over het oorzakelijk verband tussen de oorspronkelijke arbeidsongeschiktheid en de later toegenomen arbeidsongeschiktheid.

LJN AU7411 - Zelfstandig bedrijfsjurist, uitgevallen vanwege psychische klachten, is vervolgens in deeltijd als docent recht gaan werken. Is de weigering van WAZ-uitkering terecht?

LJN AU7413 - Samenloop WAO-WAZ-uitkering. Door een fout, ontdekt na de aanvraag voor overlijdensuitkering, is te veel uitkering betaald. Is terugvordering terecht? Rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel.

LJN AU7915 - Hoogte van de vastgestelde WAZ-uitkering. Moet de fiscale winst die in het jaar 2000 door betrokkene is behaald met de overheveling van de woning, aangemerkt worden als inkomsten uit arbeid?

LJN AU9323 - Zelfstandig CV-monteur, met rug-, nek- en beenklachten, die ook werkzaam is geweest in Duitsland. Bij het vaststellen van de WAZ-uitkering moet rekening worden gehouden met de Duitse arbeidsongeschiktheidsuitkering. Tijdig aanvragen. Terugvordering.

LJN AU9329 - Zelfstandig melkveehouder. Knie- en rugklachten. Weigering WAZ-uitkering. Geschikt voor gangbare arbeid. "Bijduiden" van de functie. Zorgvuldige besluitvorming. Medisch onderzoek.

LJN AU9340 - WAO-schatting. Berekening van de mate van arbeidsongeschiktheid. Omvang van de maatman.

LJN AU9534 - Ingangsdatum WAZ-uitkering. Is terecht niet gebleken van bijzondere omstandigheden die aanleiding gaven tot eerdere toekenning dan één jaar vóór de datum van de aanvraag?

LJN AU9537 - Is terecht de grondslag van de toegekende WAZ-uitkering op nihil bepaald?

LJN AU9539 - Intrekking WAZ-uitkering. Juistheid van de medische en arbeidskundige grondslag.

LJN AU9612 - WAZ-uitkering. Kunnen de proceskosten in de bezwaarprocedure voor vergoeding in aanmerking komen?

LJN AU9615 - Meewerkend echtgenote in een ambachtelijke slagerij. Is het recht op WAZ-uitkering juist vastgesteld? Vier besluiten. Verzoek om schadevergoeding.

LJN AU9634 - WAO-schatting. Was betrokkene op de datum in geding niet in staat alle aan de schatting ten grondslag gelegde functies te vervullen?

LJN AU9776 - Herziening WAZ-uitkering in verband met inkomsten uit arbeid.

LJN AV0090 - WAZ-schatting. Belastbaarheidspatroon. Juistheid van het medisch onderzoek. Geschiktheid voor de geselecteerde functies.

LJN AV0153 - Weigering WAZ-uitkering. Medische grondslag. Maatmaninkomen.

LJN AV0443 - Weigering WAZ-uitkering. In de drie jaren die aan de eerste ziektedag voorafgingen is geen winst gemaakt. Er is geen verlies aan verdiencapaciteit geleden als gevolg van ziekte.

LJN AV0684 - Is de korting op de WAZ-uitkering wegens inkomsten juist? Wisselende inkomsten als zelfstandige. Middeling?

LJN AV1232 - Schatting WAZ-uitkering. Geschiktheid voor de geselecteerde functies. Heroverweging met behulp van het aangepaste CBBS-systeem leidt niet tot een andere uitkomst.

LJN AV1968 - Schatting WAZ-uitkering. Het besluit berust op onzorgvuldig medisch onderzoek.

LJN AV2054 - Weigering WAZ-uitkering. Vastgestelde maatmaninkomen. Juistheid van het medisch en arbeidskundig oordeel.

LJN AV2057 - Toepassing van kortingen op de WAZ-uitkering. Terugvordering van te veel betaalde WAZ-uitkering.

LJN AV2170 - Schatting WAO: het bestreden besluit is onzorgvuldig voorbereid en ondeugdelijk gemotiveerd. Nieuw besluit op bezwaar.

LJN AV2427 - Ingangsdatum van de WAZ-uitkering.

LJN AV3057 - Terugvordering van WAZ-uitkeringen vanwege inkomsten uit arbeid. Hoogte van het maatmaninkomen. Overschrijding van de bezwaartermijn.

LJN AV3325 - Weigering WAZ-uitkering. Bij de berekening van het maatmaninkomen is, gelet op artikel 8, tweede lid, van de WAZ, ten onrechte uitgegaan van de gerealiseerde winst over drie in plaats van één dan wel vijf boekjaren.

LJN AV3375 - Schatting WAZ-uitkering. Heeft de rechtbank de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit terecht in stand gelaten?

LJN AV3830 - Toekenning WAZ-uitkering. Ingangsdatum. Er is geen sprake van een bijzonder geval als bedoeld in artikel 36, tweede lid, van de WAZ om met meer dan één jaar terugwerkende kracht uitkering te verlenen.

LJN AV4199 - Weigering WAZ-uitkering. Geen onderschatting van de arbeidsbeperkingen. Geschiktheid voor de geselecteerde functies. Vaststelling van de maatman op het minimumloon.

LJN AV4202 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering. Beleidsregel.

LJN AV4222 - Verlaging WAZ-uitkering. Verslechtering van de gezondheidstoestand. Schadevergoeding?

LJN AV5219 - Proceskostenveroordeling.

LJN AV5274 - Herziening WAZ-uitkering. Nader besluit.

LJN AV5287 - Weigering WAZ-uitkering. Actualiteitsdatum van de geselecteerde functies.

LJN AV5296 - Afwijzing verdagingsverzoeken; grondslag en ingangsdatum van de WAZ-uitkering en de toeslag; instandlating van de rechtsgevolgen van de intrekking van het "kopje"; ongewijzigde vaststelling van de WAZ-uitkering; afwijzing proceskostenvergoeding.

LJN AV6179 - Herziening WAZ-uitkering met terugwerkende kracht. Er is geen sprake van een bijzonder geval. Er is geen aanleiding tot verdergaande terugwerkende kracht.

LJN AV6252 - Weigering WAZ-uitkering. Er is geen verlies aan verdiencapaciteit. De arbeidskundige grondslag van het eerste besluit is onzorgvuldig voorbereid.

LJN AV7511 - Herziening WAZ-uitkering. Overschrijding van de belastbaarheid. Geschiktheid voor de voorgehouden functies.

LJN AV7835 - Beëindiging WAZ-uitkering. Beoordeling van de medische grondslag.

LJN AV8549 - Schorsing van de WAZ-uitkering wegens het niet tijdig verstrekken van gegevens omtrent een buitenlandse uitkering. Inlichtingenverplichting. Heropening. Is er belang bij de beoordeling van het schorsingsbesluit?

LJN AV9060 - Vaststelling van het maatmanloon. De aanvaarde nettowinst over de laatste drie boekjaren vóór het intreden van de arbeidsongeschiktheid.

LJN AV9066 - Weigering WAZ-uitkering. Terugvordering van onverschuldigd betaalde voorschotten op de WAZ-uitkering.

LJN AW2017 - Intrekking WAZ-uitkering met terugwerkende kracht. Terugvordering.

LJN AW3677 - Schatting WAZ-uitkering. Belastbaarheid. Geschiktheid voor de voorgehouden functies.

LJN AW4311 - Vernietiging van het WAZ-besluit omdat wezenlijke onderdelen van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek niet zijn verricht door een (verzekerings)arts.

LJN AW4555 - De overschrijding van de bezwaartermijn is niet verschoonbaar.

LJN AW4870 - Weigering WAZ-uitkering. Geschiktheid voor het eigen werk.

LJN AW7395 - Schatting van de WAZ-uitkering met toepassing van het CBBS. Motivering. Juistheid van het maatmaninkomen. Belastbaarheidheid. Geschiktheid voor de geselecteerde functies.

LJN AW7464 - Intrekking WAZ-uitkering. Terugwerkende kracht. Schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM. Schadevergoeding.

LJN AW7948 - Herziening WAZ-uitkering. Juistheid van het vastgestelde maatmaninkomen.

LJN AW8041 - Weigering WAZ-uitkering. Weigering WAO-uitkering. Geschiktheid voor het eigen werk.

LJN AX1259 - WAZ-beoordeling. Er is geen verlies aan verdiencapaciteit. Genoegzame onderbouwing?

LJN AX2003 - Verlaging WAZ-uitkering. Anticumulatie. Passend werk. Middeling van de inkomsten als zelfstandige in verband met fluctuaties.

LJN AX3237 - Toekenning WAZ-uitkering. Inkomsten uit arbeid. Terugvordering. Referteperiode voor de bepaling van het maatmaninkomen. Verdeling van de bedrijfswinst.

LJN AX3254 - Verzoek om terug te komen van het besluit ten aanzien van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag. Er zijn geen nieuwe feiten of omstandigheden.

LJN AX3991 - De melding van het Arbeidsbureau aan de uitvoeringsinstelling van de rechtsvoorganger van het UWV kan niet gezien worden als een aanvraag. Mate arbeidsongeschiktheid.

LJN AX8674 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering. Verkregen inkomsten uit arbeid.

LJN AX8886 - Weigering tot ophoging van de uitkeringen. Er is geen sprake van een althans voorlopige blijvende toestand van hulpbehoevendheid die geregeld oppassing en verzorging nodig maakt.

LJN AX9521 - WAO-schatting. CBBS. Belastbaarheid en geschiktheid voor de geselecteerde functies.

LJN AY0100 - Schatting WAZ-uitkering. Vastgestelde medische, met name psychische belastbaarheid.

LJN AY2413 - Is terecht besloten de uitkering niet eerder te verlenen dan met ingang van één jaar vóór de datum van indiening van de aanvraag?

LJN AY2636 - De intrekking van de WAZ-uitkering berust op onvoldoende gronden.

LJN AY3613 - Weigering WAZ-uitkering. Het medisch oordeel van de ingeschakelde deskundigen.

LJN AY3766 - Weigering WAZ-uitkering. Arbeidskundige grondslag.

LJN AY3879 - Er is geen sprake van opschorting van de beslistermijn. Het UWV was niet (meer) bevoegd de aanvraag voor een WAZ-uitkering buiten behandeling te laten.

LJN AY5318 - WAO-schatting. Belang. Renteschadevergoeding.

LJN AY5376 - Omzetting van de AAW-uitkering naar een WAZ-uitkering. Juistheid van de vastgestelde beperkingen.

LJN AY5377 - Intrekking WAZ-uitkering. Vastgestelde beperkingen. Zorgvuldigheid van het medisch onderzoek.

LJN AY5555 - Niet-uitbetaling van de WAZ-uitkering over de periode in geding wegens inkomsten uit arbeid die hoger zijn dan het maatmanloon. Intrekking van de WAZ-uitkering met ingang van de datum in geding omdat betrokkene in staat wordt geacht zijn inkomsten duurzaam te verwerven. Terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering.

LJN AY6031 - Herziening WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%; betrokkene wordt in staat geacht functies als bode/bezorger, medisch laborant, secretaresse en bestelautochauffeur te vervullen. Meent betrokkene terecht dat zij niet gedurende vier uur per dag en 20 uur per week kan werken? Is de medische en arbeidskundige grondslag juist vastgesteld?

LJN AY6034 - Intrekking van de eerder naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35% berekende WAZ-uitkering, omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Hangende het hoger beroep wordt bij wijzigingsbesluit de mate van arbeidsongeschiktheid op 25 tot 35% vastgesteld. Berust het wijzigingsbesluit op een juiste medische en arbeidskundige grondslag? Toewijzing van renteschadevergoeding en vergoeding van de kosten voor deskundigenrapporten.

LJN AY6223 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Betrokkene wordt geschikt geacht voor eigen werk als pensioenadviseur. Het rapport van de psycholoog is niet geheel consistent.

LJN AY6226 - Onveranderde voortzetting van de WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Zijn de medische en de arbeidskundige beoordeling juist?

LJN AY6390 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Zijn betrokkenes medische beperkingen onderschat? Doorslaggevende betekenis wordt toegekend aan het rapport van de onafhankelijke door de rechter ingeschakelde deskundige.

LJN AY6553 - Intrekking WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is de belastbaarheid juist vastgesteld?

LJN AY6578 - Terechte vernietiging door de rechtbank van het bestreden besluit waarbij de WAZ-uitkering is berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. Bij het nieuwe besluit dient tevens het recht op schadevergoeding te worden beoordeeld.

LJN AY7106 - Intrekking WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is de urenomvang van de maatman juist vastgesteld? Stelt het UWV terecht dat het indertijd op basis van het FIS opgestelde belastbaarheidsprofiel ongewijzigd op betrokkene van toepassing is gebleven, zodat terecht niet is overgegaan tot het opstellen van een funtionelemogelijkhedenlijst op basis van het CBBS-systeem?

LJN AY7185 - Herziening WAZ-uitkering en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Een wezenlijk onderdeel van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek is niet verricht door een (verzekerings)arts, hetgeen in strijd is met de toepasselijke regelgeving.

LJN AY7196 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Juistheid van de vastgestelde medische beperkingen. Geschiktheid voor de geselecteerde functies.

LJN AY7201 - Niet-uitbetaling van de WAZ-uitkering op grond van artikel 58 van de WAZ wegens inkomsten uit arbeid. Terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering over de periode in geding. Er is geen sprake van onjuiste of onvolledige informatieverschaffing door betrokkene. Over eenzelfde periode voor de toepassing van artikel 58 van de WAZ een andere maatman hanteren dan die wordt gehanteerd voor de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid op basis van artikel 2 van de WAZ is niet toegestaan.

LJN AY7281 - Niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens verval van procesbelang, nu hangende het hoger beroep volledig aan betrokkenes bezwaar is tegemoetgekomen. Toewijzing van proceskostenvergoeding.

LJN AY7474 - Toekenning WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Zijn het belastbaarheidspatroon en het maatmaninkomen juist vastgesteld? In het kader van de WAZ wordt als uitgangspunt genomen de door de betrokkene behaalde en door de fiscus aanvaarde nettobedrijfswinst in de laatste drie kalenderjaren (direct) voorafgaande aan het intreden van de arbeidsongeschiktheid.

LJN AY7599 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Er is geen sprake van verlies aan verdiencapaciteit. Stelt betrokkene terecht dat hij de schedelbasisfractuur in maart 2000 en niet in maart 2001 opliep en dat hij volledig arbeidsongeschikt diende te worden verklaard?

LJN AY7687 - Niet-uitbetaling van de WAZ-uitkering over het jaar 2000 wegens inkomsten uit arbeid. Wijzigingsbesluit hangende het geding in eerste aanleg waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid is vastgesteld op 25 tot 35%. Terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering. Het gestapelde negatieve effect kan in een geval als het onderhavige eenvoudig worden weggenomen door van de desinvesteringsbijtelling dat deel buiten aanmerking te laten dat betrekking heeft op 1996 en 1997.

LJN AY7697 - Is bij de op grond van artikel 58 van de WAZ toegepaste korting op de WAZ-uitkering terecht mede de desinvesteringsbijtelling als inkomsten uit arbeid in aanmerking genomen?

LJN AY8759 - Herziening WAZ-uitkering over de periode in geding en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35% wegens inkomsten uit arbeid. Terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering. Zijn de inkomsten toegerekend aan het juiste tijdvak?

LJN AY9121 - Schatting WAZ-uitkering. Nu het UWV het bestreden besluit heeft ingetrokken, is de grondslag aan het hoger beroep komen te ontvallen.

LJN AY9123 - Intrekking WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene, die lijdt aan (de gevolgen van) een postwhiplashsyndroom, terecht dat haar medische beperkingen zijn onderschat?  De ontbrekende onderbouwing van het bestreden besluit is in hoger beroep alsnog gegeven.

LJN AY9267 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is betrokkene geschikt voor passend werk en is de medische grondslag van het bestreden besluit juist? Voor zover de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM al zou zijn overschreden, kan dit niet leiden tot aanspraken die niet met de dwingendrechtelijke wettelijke bepalingen stroken. Nu vaststaat dat betrokkene terecht een WAZ-uitkering is geweigerd omdat zij minder dan 25% arbeidsongeschikt is, zou een eventuele overschrijding van de redelijke termijn niet kunnen leiden tot een aanspraak op een WAZ-uitkering.

LJN AY9617 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid als directeur-grootaandeelhouder van een holding. Kan de in 2001 toegekende tantième over het jaar 2000 worden aangemerkt als inkomsten uit arbeid over het jaar 2000? Het nader besluit is, gelet op het bepaalde in artikel 6:19, eerste lid, van de Awb, ten onrechte niet betrokken in het oordeel van de rechtbank.

LJN AY9654 - Toekenning WAZ-uitkering. De rechtbank is buiten de omvang van het geding getreden en heeft daarmee artikel 8:69, eerste lid, van de Awb geschonden. De stelling van appellanten dat de eerste arbeidsongeschiktheidsdag is gelegen vóór de datum in geding is op geen enkele manier medisch onderbouwd.

LJN AZ0014 - Terechte niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet-verschoonbare niet-tijdige betaling van het griffierecht. Tevergeefs voert betrokkene aan dat hij er geen rekening mee heeft gehouden dat het overmaken van geld via een bankrekening in Marokko enige tijd kost.

LJN AZ0559 - Schatting van de WAZ-uitkering met behulp van het CBBS. De functies met een na de datum in geding gelegen actualiseringsdatum kunnen niet als onderdeel van de schattingsgrondslag worden aanvaard.

LJN AZ0913 - Weigering om de WAZ-uitkering te herzien naar een hogere mate van arbeidsongeschiktheid. Is er sprake van dezelfde ziekteoorzaak? Het bestreden besluit is niet deugdelijk gemotiveerd.

LJN AZ0947 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Uitgaande van het feit dat er geen redenen aanwezig zijn om betrokkene beperkingen op te leggen ten aanzien van het verrichten van arbeid heeft het UWV op juiste gronden afgezien van het opstellen van een functionelemogelijkhedenlijst alsook van een nader onderzoek naar betrokkenes werkzaamheden.

LJN AZ0966 - Is de ingangsdatum van de WAZ-uitkering juist vastgesteld op één jaar vóór de datum van aanvraag? Stelt betrokkene terecht dat hij wegens zijn medische behandeling niet eerder in staat was een aanvraag voor WAZ-uitkering te doen? Is de arbeidskundige beoordeling juist?

LJN AZ1121 - Toekenning, aansluitend aan de wettelijke wachttijd van 52 weken, van een WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%. De beide door de rechtbank geraadpleegde deskundigen kunnen zich verenigen met de door de verzekeringsarts(en) vastgestelde uit ziekte of gebrek voortvloeiende arbeidsbeperkingen zoals deze voor betrokkene op de datum in geding bestaan.

LJN AZ1518 - Schatting WAZ-uitkering. Stelt betrokkene terecht dat de gebruikte indexcijfers afwijken van de eerder gebruikte cijfers en dat onjuiste toepassing is gegeven aan artikel 58 van de WAZ, waarbij een vergelijking van maatmaninkomen en resterende verdiencapaciteit plaatsvindt op basis van gegevens per maand? Schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM. Ter zake van het aandeel van de rechter in de termijnoverschrijding kan betrokkene zich ter verkrijging van schadevergoeding wenden tot de burgerlijke rechter.

LJN AZ1591 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. De schatting berust op een toereikende medische en arbeidskundige grondslag.

LJN AZ1924 - Schatting WAZ-uitkering. Stelt betrokkene terecht dat is uitgegaan van een onjuiste maatman en dat hij in medisch, met name ook psychisch opzicht meer en ernstiger was beperkt dan bij de functionelemogelijkhedenlijst is vastgesteld?

LJN AZ1961 - Niet-uitbetaling van de WAZ-uitkering over de periode in geding wegens inkomsten uit arbeid. Stelt betrokkene terecht dat haar inkomen wordt gevormd door de - verplicht voorgeschreven - vrijval van de fiscale oudedagsreserve en dat deze niets van doen heeft met arbeid?

LJN AZ2032 - Toekenning WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Moet voor betrokkene al dan niet een urenbeperking gelden? In vaste rechtspraak van de CRvB ligt besloten dat de Raad het oordeel van een onafhankelijke door de bestuursrechter ingeschakelde deskundige in beginsel pleegt te volgen.

LJN AZ2103 - Korting op de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit een Duitse arbeidsongeschiktheidsuitkering. Anticumulatie ingevolge EEG-verordering 1408/71 geeft hetzelfde resultaat.

LJN AZ2137 - Korting op de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. In hoeverre is de bedrijfswinst aan betrokkene toe te rekenen? Omzetting van de VOF, die betrokkene samen met zijn broer voerde, in een BV. Berekening van de feitelijk gerealiseerde verdiencapaciteit, afgezet tegen het geïndexeerde maatmaninkomen.

LJN AZ2602 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Heeft de (bezwaar)verzekeringsarts voldoende rekening gehouden met de ernst van betrokkenes klachten? De geduide functies zijn na de datum in geding niet geactualiseerd en kunnen derhalve in het licht van vaste jurisprudentie niet als grondslag voor de schatting dienen. Het bestreden besluit mist een deugdelijke arbeidskundige grondslag.

LJN AZ3077 - Toekenning met ingang van de datum in geding van een WAZ-uitkering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Heeft betrokkene ook over de aan deze datum voorafgaande periode recht op uitkering? Betrokkene heeft geen objectieve medische gegevens ingebracht die twijfel doen rijzen aan de juistheid van de door de (bezwaar)verzekeringsarts getrokken conclusies.

LJN AZ3481 - Wegens inkomsten uit arbeid uitbetaling van de WAZ-uitkering als ware de uitkering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Is de vrijval van de fiscale oudedagsreserve inkomen in de zin van de WAZ?

LJN AZ3569 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is voldoende rekening gehouden met de psychische klachten van betrokkene?

LJN AZ3754 - Ongewijzigde voortzetting van de WAZ-uitkering na intrekking van de uitkering omdat betrokkene telkens in gebreke was gebleven een vragenformulier ingevuld in te leveren. Had het UWV in de gezondheidstoestand van betrokkene dan wel in gerechtvaardigd opgewekt vertrouwen aanleiding moeten zien van zijn beleid af te wijken in voor betrokkene gunstige zin?

LJN AZ4135 - Intrekking van de eerder naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% berekende WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Betrokkene heeft geen gegevens van medische of andere aard ingezonden die enig aanknopingspunt bieden voor de veronderstelling dat het onderzoek van de zenuwarts niet lege artis is verlopen en/of dat zijn conclusie is gekleurd door de omstandigheid dat hij op verzoek van de rechtsbijstandsverzekeraar van betrokkene zijn onderzoek heeft verricht.

LJN AZ4259 - Opnihilstelling van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit het eigen bedrijf. Stelt betrokkene terecht dat, nu er bij de aankoop van een melkquotum geen investeringsaftrek kan worden toegepast, bij de verkoop van een melkquotum ook geen sprake kan zijn van een desinvesteringsbijtelling?

LJN AZ4382 - Weigering AAW-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat zij meer beperkingen heeft dan het UWV heeft aangenomen, dat zij de geselecteerde functies niet kan uitoefenen en dat voor haar een urenbeperking moet gelden?

LJN AZ4575 - Intrekking en terugvordering van de WAZ-uitkering. Betrokkene heeft uitkeringsfraude gepleegd door geen melding te maken van het (in volle omvang) gaan verrichten van het eigen werk. De omstandigheid dat het bedrijf geen winst maakte, doet daaraan niet af.

LJN AZ4719 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. De door betrokkene overgelegde medische gegevens werpen geen nieuw licht op de vraag of de diagnose Morbus Kahler inmiddels met zekerheid is gesteld.

LJN AZ4770 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene in het refertejaar geen arbeid in het bedrijfs- of beroepsleven heeft verricht, gericht op het verwerven van winst of inkomen. Stelt betrokkene terecht dat zij haar werk vanwege ingetreden arbeidsongeschiktheid heeft moeten beëindigen? Op grond van het arbeidsongeschiktheidscriterium van de WAZ is niet beslissend de eigen opvatting van een verzekerde dat hij of zij niet meer (volledig) kan werken. Naar vaste rechtspraak van de CRvB is slechts dan sprake van arbeidsongeschiktheid als een verzekerde op medische gronden naar objectieve maatstaven gemeten de in aanmerking komende arbeid niet kan of mag verrichten.

LJN AZ4862 - Herziening WAZ-uitkering en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Is betrokkene het terecht oneens met de verlaging van de mate van arbeidsongeschiktheid met ingang van de datum in geding nu zijn psychische en vermoeidheidsklachten, die het gevolg zijn van de ziekte coeliakie, in de functionelemogelijkhedenlijst niet zijn meegenomen? Er is geen sprake van schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM, omdat de periode tussen het indienen van het bezwaarschrift tegen het primaire besluit en deze uitspraak minder dan vier jaar beslaat.

LJN AZ4910 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat de verzekeringsarts het onderzoek naar betrokkenes beperkingen niet goed heeft verricht en dat betrokkene meer beperkingen heeft dan is aangenomen? Er is geen aanleiding om de medische grondslag van het bestreden besluit onzorgvuldig te achten.

LJN AZ5377 - Ongewijzigde voorzetting van de WAZ-uitkering omdat betrokkenes arbeidsinkomsten in de jaren in geding geen aanleiding geven tot korting van zijn uitkering. Betrokkene is tevergeefs opgekomen tegen de uitspraak in eerste aanleg met als argument dat zijn medische beperkingen zijn onderschat, aangezien het bestreden besluit uitsluitend is gebaseerd op een arbeidskundige berekening.

LJN AZ5401 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Hangende het hoger beroep toekenning van een WAZ-uitkering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Stelt betrokkene terecht dat hij inmiddels in het geheel niet meer in staat is om te werken?

LJN AZ5630 - Korting op en terugvordering van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid als zelfstandige. Boeteoplegging wegens schending van de inlichtingenverplichting. Stelt betrokkene terecht dat hij in de periode in geding geen productieve arbeid heeft verricht ten behoeve van het bedrijf van zijn ex-echtgenote, laat staan dat hij daaruit inkomsten heeft verworven, en dat het UWV geen enkel bewijs heeft geleverd voor de gestelde werkzaamheden in de periode 1999 tot juli 2001?

LJN AZ5636 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is betrokkene met name op psychisch gebied meer beperkt dan door de rechtbank is aangenomen?

LJN AZ5968 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Heeft de rechtbank voldoende beoordeeld of het UWV de beperkingen van betrokkene juist heeft vastgesteld? Dat het expertiserapport van de psychiater mogelijk heeft bijgedragen aan de toekenning van een uitkering op grond van de particuliere verzekering van betrokkene naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% betekent niet dat dit rapport ook dwingt tot de conclusie dat daarom bij betrokkene ook sprake is van arbeidsongeschiktheid in de zin van artikel 2, eerste lid, van de WAZ.

LJN AZ6314 - Niet-uitbetaling van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Verdeling van het bedrijfsinkomen tussen betrokkene en zijn in zijn onderneming meewerkende echtgenote. Fiscale keuze.

LJN AZ6625 - Heeft de rechtbank terecht overwogen dat betrokkene in privaatrechtelijke dienstbetrekking tot het betrokken bedrijf stond en dat de door het bedrijf aan hem betaalde onkostenvergoedingen en zijn kasopnamen onder de vermelding "loon" en "voorschot loon" als loon en derhalve als inkomsten uit arbeid in de zin van artikel 33 van de AAW moeten worden aangemerkt, zodat deze inkomsten terecht zijn verrekend met de (per 1 januari 1998 van rechtswege in WAZ-uitkering omgezette) AAW-uitkering?

LJN AZ6627 - Omdat betrokkene nimmer winst heeft gemaakt met zijn werkzaamheden als zelfstandige, dient de grondslag van de WAZ-uitkering op nihil te worden gesteld.

LJN AZ6643 - Verlaging van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid als caféhoudster. Stelt betrokkene terecht dat bij het bestreden besluit onvoldoende tot uiting komt dat zij met ingang van de datum in geding niet over duurzaam benutbare arbeidsmogelijkheden beschikt? Toepassing van de middelingsmethode.

LJN AZ6737 - Herziening WAZ-uitkering en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. Van de zijde van betrokkene zijn geen medische gegevens in het geding gebracht die aanwijzingen bevatten voor het oordeel dat hij in objectief-medische zin op de hier in geding zijnde datum ernstiger beperkt is te achten dan de beperkingen die reeds door de verzekeringsartsen van het UWV in aanmerking zijn genomen.

LJN AZ6752 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Betrokkenes kritiek op enkele onderdelen van het CBBS faalt. Het bestreden besluit berust op een voldoende arbeidskundige grondslag.

LJN AZ6887 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene als zelfstandig metselaar nimmer winst heeft genoten. Stelt betrokkene terecht dat hij een startende ondernemer was, die eerst veel diende te investeren?

LJN AZ6932 - Nu de arbeidsongeschiktheid is ingetreden vóór 1 januari 1998, kan de WAO-uitkering niet volledig naast de WAZ-uitkering worden uitgekeerd en dient op de WAO-uitkering per dag in mindering te worden gebracht het bedrag van de WAZ-uitkering per dag. Is er sprake van inkomsten uit arbeid?

LJN AZ6976 - Verlaging en terugvordering van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Terecht is bruto teruggevorderd en er is geen sprake van schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM.

LJN AZ7148 - Alsnog toekenning, hangende het hoger beroep, van een WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Toewijzing van proceskostenvergoeding en van vergoeding van kosten van deskundigenrapporten en afwijzing van immateriële schadevergoeding. Schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM: noch in de zaak zelf, die niet als zeer complex is aan te merken, noch in de opstelling van betrokkene kan een rechtvaardiging worden aangetroffen voor de lange duur van de procedure. Voor de vaststelling van de gevolgen die moeten worden verbonden aan schending van de redelijke termijn bij de rechterlijke behandeling van de zaak moet betrokkene zich wenden tot de burgerlijke rechter.

LJN AZ7151 - Weigering WAZ-uitkering. De rechtbank heeft de grieven van betrokkene afdoende besproken en genoegzaam gemotiveerd waarom die grieven niet kunnen slagen.

LJN AZ7166 - Weigering WAZ-uitkering omdat de grondslag waarnaar de uitkering moet worden berekend €0,- bedraagt. Blijkens de jaarstukken betreffende de drie refertejaren heeft betrokkene met haar onderneming slechts verlies geleden; de fiscale winst over elk van die jaren is op nihil bepaald. Stelt betrokkene terecht dat zij als startende ondernemer veel investeringen heeft moeten doen?

LJN AZ7181 - Herziening WAZ-uitkering en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%, gebaseerd op een schatting van betrokkenes feitelijke verdiensten als sportleraar. De door betrokkene overgelegde stukken zijn onvoldoende om daarop te baseren dat het maatmaninkomen hoger had moeten worden gesteld.

LJN AZ7287 - De intrekking en (de hoogte van de) terugvordering van de toeslag ingevolge de TW staan in rechte vast. Is het verrekeningsbesluit op goede gronden genomen? Stelt betrokkene terecht dat het UWV na de vernietiging van het besluit tot intrekking van de AAW/WAZ-uitkering en de handhaving van de mate van de arbeidsongeschiktheid was gehouden om ook de besluiten tot intrekking en terugvordering van de TW-uitkering te herzien, aangezien deze besluiten immers niet meer waren dan een uitvloeisel van het besluit tot intrekking van de AAW/WAZ-uitkering?

LJN AZ7589 - Verlaging WAZ-uitkering en terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Is op juiste wijze toepassing gegeven aan de op artikel 58 van de WAZ gebaseerde anticumulatieregeling?

LJN AZ7594 - Verlaging WAZ-uitkering en terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Is op juiste wijze toepassing gegeven aan de op artikel 58 van de WAZ gebaseerde anticumulatieregeling?

LJN AZ7998 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Het bestreden besluit is niet voldoende gemotiveerd mede gelet op de betekenis van een urenbeperking voor de maximering van de resterende verdiencapaciteit op het maatmaninkomen.

LJN AZ8113 - In aansluiting op de wettelijke wachttijd van 52 weken toekenning van een WAZ-uitkering met ingang van de datum in geding, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. Berust het bestreden besluit op een juiste medische en arbeidskundige grondslag?

LJN AZ8294 - Verlaging en terugvordering van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid als zelfstandige. Winstverdeling van 45% aan betrokkene en 55% aan zijn echtgenote. Er is geen sprake van schending van het rechtszekerheids- en het gelijkheidsbeginsel.

LJN AZ8314 - Opnihilstelling van de WAZ-uitkering wegens door betrokkene als gedeeltelijk doorwerkende zelfstandige genoten inkomsten over het jaar 2000. Het is in strijd met het systeem van de WAZ om over eenzelfde periode voor de toepassing van artikel 58 van de WAZ een andere maatman te hanteren dan die wordt gehanteerd voor de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid op basis van artikel 2 van de WAZ. Schending van het rechtszekerheidsbeginsel omdat ten onrechte met terugwerkende kracht toepassing is gegeven aan artikel 58 van de WAZ: betrokkene heeft redelijkerwijze heeft kunnen begrijpen dat onverschuldigd uitkering aan hem werd uitbetaald.

LJN AZ8321 - Verlaging en terugvordering van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit ambulante vishandel. Winstdeling en fiscale keuze. De door betrokkene verrichte hand- en spandiensten dienen te worden gekwalificeerd als arbeid in de zin van artikel 33 van de AAW en artikel 58 van de WAZ.

LJN AZ8547 - Verlaging en terugvordering van de WAZ-uitkering wegens winst uit exploitatie in maatschapsverband van een advocatenkantoor. Met na de eerste vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid opgetreden wijzigingen in het maatmaninkomen mag geen rekening worden gehouden.

LJN AZ8552 - Weigering om terug te komen van een eerder genomen, in rechte onaantastbaar geworden besluit tot intrekking van de WAZ-uitkering, omdat niet is gebleken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.

LJN AZ8570 - Verlaging van de WAZ-uitkering op grond van artikel 58 van de WAZ wegens inkomsten uit arbeid. Verhoging van het jaarloon met de bijtelling ter zake van de auto van de zaak. Bij de bepaling van de inkomsten komt bijzondere betekenis toe aan het standpunt van de fiscus.

LJN AZ8597 - Verlaging van de WAZ-uitkering op grond van artikel 58 van de WAZ wegens inkomsten uit arbeid. Terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering. Stelt betrokkene terecht dat de fiscaal aan hem toebedeelde winst ten onrechte als inkomsten uit arbeid wordt gezien omdat hij niet meer in staat is arbeid in die omvang te verrichten, dat het arbeidsongeschiktheidspercentage is verlaagd zonder dat een medische keuring heeft plaatsgevonden en dat een te lange tijd is verstreken tussen de toezending van de jaarstukken en het terugvorderingsbesluit? Er mag maximaal drie jaar achtereen worden geanticumuleerd en vervolgens dient een schatting plaats te vinden op basis van de feitelijk gerealiseerde verdiencapaciteit.

LJN AZ8969 - Opnihilstelling van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. De inkomsten uit arbeid van een zelfstandige dienen te worden gesteld op de fiscale nettowinst.

LJN AZ8974 - Terechte niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.

LJN AZ9221 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Zowel de medische als de arbeidskundige kant van de zaak ontbeert een juiste motivering.

LJN AZ9459 - Is vanwege de behaalde winst (o.a. door verkoop van een gedeelte van het melkquotum) terecht besloten met toepassing van artikel 58 van de WAZ de uitkering over het betreffende jaar niet uit te betalen?

LJN AZ9572 - Herziening WAZ-uitkering en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. Stelt betrokkene terecht dat zijn beperkingen onderbelicht zijn gebleven en het verzekeringsgeneeskundig onderzoek niet zorgvuldig geweest is?

LJN AZ9760 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Maximering van de urenomvang van de maatman. De artikelen 9 en 10 van het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten zijn onverbindend voor zover het beginsel van feitelijke inkomstenderving wordt verlaten.

LJN AZ9762 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Maximering van de urenomvang van de maatman. De artikelen 9 en 10 van het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten zijn onverbindend voor zover het beginsel van feitelijke inkomstenderving wordt verlaten.

LJN BA0125 - Toekenning WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%. Vaststelling van de restverdiencapaciteit. Toepassing van de reductiefactor op basis van het Besluit uurloonschatting 1999.

LJN BA0165 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene, na afloop van de wettelijke wachttijd, op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat het bestreden besluit op onvoldoende verzekeringsgeneeskundige beoordelingsgrondslag berust, waarbij hij verwijst naar de informatie uit de behandelend sector en het feit dat zijn lichamelijke en psychische belastbaarheid zeer gering is.

LJN BA0198 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Heeft het UWV terecht berekend dat bij volledige toerekening van de winst aan betrokkene, waardoor het maatmaninkomen zou uitkomen op €5,78, en een mediane loonwaarde van in dit geval €5,75 het verlies aan verdienvermogen zou uitkomen op 0,52%? Vaststelling van keelkanker na de datum in geding. Het valt niet vast te stellen of bij het bestreden besluit de juiste beperkingen in aanmerking zijn genomen.

LJN BA0263 - Opnihilstelling en beëindiging van de WAZ-uitkering wegens (verzwegen) inkomsten uit arbeid. Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering over de perioden in geding. Stelt betrokkene terecht dat hij en zijn echtgenote niet aan hun tegenover de sociale recherche afgelegde verklaringen kunnen worden gehouden omdat die verklaringen onder ontoelaatbare druk zijn afgelegd? Toekenning van een loonwaarde aan de werkzaamheden van betrokkene op grond van de veronderstelling dat deze werkzaamheden uit hun aard een bepaalde loonwaarde vertegenwoordigen. Uit de rapporten blijkt niet dat betrokkene zich direct of indirect heeft verrijkt.

LJN BA0887 - Terechte niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar omdat in het bestreden besluit niet de aangevochten grondslag van de WAZ-uitkering aan de orde is, waardoor betrokkene geen procesbelang heeft in deze zaak. Terechte afwijzing van het verzoek om proceskostenvergoeding.

LJN BA1204 - Verlaging van de WAZ-uitkering op grond van artikel 58 van de WAZ wegens inkomsten uit arbeid. Terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering over de periode in geding. Niet is gebleken van dringende redenen om van terugvordering af te zien.

LJN BA1276 - Herziening WAZ-uitkering en nadere vaststelling naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%, omdat betrokkene in staat wordt geacht tot het verrichten van gangbare arbeid gedurende 40 uren per week. De medische gronden zijn door betrokkene niet met geneeskundige informatie onderbouwd.

LJN BA1388 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is er sprake van een onzorgvuldig en incompleet onderzoek naar de mate van arbeids(on)geschiktheid en stelt betrokkene terecht dat er sprake is van toegenomen beperkingen ten aanzien van het verrichten van arbeid?

LJN BA2002 - Weigering WAZ-uitkering. Stelt betrokkene terecht dat er door het UWV ten onrechte geen rekening is gehouden met zijn kansen op de arbeidsmarkt, dat zijn medische keuring niet veel voorstelde en dat er geen medische informatie is opgevraagd bij de hartspecialist? Er zijn geen aanknopingspunten voor het oordeel dat de medische grondslag van het bestreden besluit op onzorgvuldige wijze tot stand is gekomen, dan wel dat die grondslag voor onjuist moet worden gehouden.

LJN BA2096 - Intrekking WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat zijn vermoeidheidsklachten onvoldoende zijn erkend, dat hij meer beperkt is dan door het UWV is aangenomen en dat hij derhalve de selecteerde functies niet kan uitoefenen?

LJN BA2286 - Verlaging van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Is de rechtbank terecht van oordeel dat de vrijgevallen fiscale oudedagsreserve beschouwd dient te worden als inkomen uit arbeid in de zin van artikel 58 van de WAZ en dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die tot een uitzondering nopen?

LJN BA2350 - Toekenning, aansluitend aan de wettelijke wachttijd van 52 weken, van een WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Is de ingangsdatum van de toegekende uitkering juist vastgesteld? Er is geen sprake van een bijzonder geval waarin aan betrokkene redelijkerwijs niet kan worden toegerekend dat hij zijn aanvraag niet eerder heeft ingediend.

LJN BA2407 - Toekenning, aansluitend aan de wettelijke wachttijd van 52 weken, van een WAO-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%; hangende het hoger beroep vastgesteld naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%. Stelt betrokkene terecht dat zijn medische beperkingen door het UWV zijn onderschat en dat hij op de data in geding niet in staat was om gedurende een volledige werkdag te werken?

LJN BA2613 - Verlaging van de WAZ-uitkering op grond van artikel 58 van de WAZ wegens inkomsten uit arbeid. Bij de bepaling van het maatmaninkomen van een zelfstandige dient steeds als uitgangspunt te gelden de door de fiscus aanvaarde nettowinst over de laatste drie volledige boekjaren (onmiddellijk) vóór het intreden van de arbeidsongeschiktheid, behoudens bijzondere gevallen. In de ingroeiregeling die het advocatenkantoor waaraan betrokkene was verbonden, kent, is geen bijzonder geval gelegen.

LJN BA2752 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Het UWV heeft op grond van voldoende medische onderzoekgegevens op adequate en zorgvuldige wijze de door betrokkene geuite klachten met betrekking tot zijn suikerziekte beoordeeld en heeft gemotiveerd betrokkenes beperkingen vastgelegd in de functionelemogelijkhedenlijst.

LJN BA2801 - Opnihilstelling van de WAZ-uitkering op grond van artikel 58 van de WAZ wegens inkomsten uit arbeid. Zijn de inkomsten uit de BV terecht aangemerkt als inkomsten uit arbeid in de zin van de WAZ?

LJN BA2947 - Intrekking WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Heeft het UWV voldoende aannemelijk gemaakt dat er op de datum in geding onvoldoende dagdienstfuncties te duiden waren, zodat er sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 9, aanhef en onder g, van het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten?

LJN BA2959 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat het medisch onderzoek onzorgvuldig is geweest, dat het UWV meer medische informatie had moeten opvragen, dat bij haar wel een urenbeperking moet worden aangenomen, dat het arbeidsdeskundig onderzoek onvoldoende zorgvuldig is geweest en dat er, gelet op bijzondere omstandigheden, redenen zijn om haar maatmaninkomen anders vast te stellen, waarbij zij aangeeft dat in dat verband de omzetcijfers en niet de nettowinst als uitgangspunt zouden moeten worden gehanteerd?

LJN BA3015 - Verlaging, onderscheidenlijk opnihilstelling, van de WAO- en WAZ-uitkering over de perioden in geding wegens inkomsten uit arbeid. De winst uit bedrijf is aangemerkt als inkomsten uit arbeid en is via een fictieve schatting op de uitkeringen in mindering gebracht. Behoudens bijzondere omstandigheden is de in het kader van de fiscale wetgeving gemaakte keuze bepalend voor de vraag of bepaalde inkomsten moet worden beschouwd als inkomsten uit arbeid, dan wel als inkomsten uit vermogen of anderszins. In casu heeft betrokkene ervoor gekozen zijn inkomsten bij de fiscus als inkomsten uit arbeid op te geven.

LJN BA3272 - Intrekking, naar aanleiding van de eerstejaarsherbeoordeling, van de WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Keert betrokkene zich terecht tegen de medische grondslag van het primaire besluit en wel in het bijzonder tegen het laten vervallen daarbij van de eerder wel aangenomen urenbeperking?

LJN BA3500 - Opnihilstelling en terugvordering over de periode in geding van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Betrokkenes activiteiten in haar kapsalon zijn aan te merken als werkzaamheden in het economisch verkeer.

LJN BA3993 - Intrekking van de WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. De rechtbank is uitdrukkelijk tot het oordeel gekomen dat de mate van arbeidsongeschiktheid met ingang van de datum in geding - overeenkomstig een eerder genomen besluit - op 45 tot 55% dient te worden vastgesteld. Is in de functionelemogelijkhedenlijst terecht geen urenbeperking opgenomen?

LJN BA4783 - Intrekking van de WAZ-uitkering omdat betrokkene 1 met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Verlaging onderscheidenlijk opnihilstelling over de perioden in geding van de WAZ-uitkering van betrokkene 2 wegens inkomsten uit arbeid. Het geschil in beide zaken is beperkt tot de vaststelling van het maatmaninkomen van betrokkenen en richt zich tegen de vanwege het UWV daaraan ten grondslag gelegde winstverdeling tussen betrokkenen.

LJN BA4848 - Intrekking van de WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Zijn betrokkenes medische beperkingen ten aanzien van het verrichten van arbeid onderschat?

LJN BA5954 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat hij al vóór 1 januari 1998 arbeidsongeschikt was, dat zijn klachten en beperkingen na 1 januari 1998 van dien aard waren dat hij als volledig arbeidsongeschikt moet worden beschouwd en dat het maatmaninkomen onjuist is berekend?

LJN BA6073 - Onderhavig geschil spitst zich toe op de vraag of de bezwaararbeidsdeskundige in bezwaar terecht de functie van telemarketeer met functienummer 8451-2998-004 behorend bij de SBC-code 516180 buiten beschouwing heeft gelaten.

LJN BA6087 - Intrekking van de WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. De door de verzekeringsarts opgestelde en door de bezwaarverzekeringsarts geaccordeerde functionelemogelijkhedenlijst vormt geen juiste weergave van de bij betrokkene ten tijde in geding bestaande medische beperkingen.

LJN BA6356 - Intrekking van de WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. De door betrokkene in hoger beroep ingebrachte medische stukken vormen geen aanleiding om van verdergaande medische beperkingen uit te gaan. Gelet op de aan de geselecteerde functies te ontlenen loonwaarde is de mate van arbeidsongeschiktheid terecht op minder dan 25% gesteld.

LJN BA6391 - Opnihilstelling en terugvordering over de periode in geding van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Weigering uitkering ingevolge de vrijwillige WAO-verzekering omdat betrokkene, na afloop van de wettelijke wachttijd, met ingang van de datum in geding minder dan 15% arbeidsongeschikt wordt geacht. Korting van de uitkering ingevolge de vrijwillige ZW-verzekering op de WAZ-uitkering. Stelt betrokkene terecht dat in de aan de weigering van WAO-uitkering ten grondslag liggende medische beoordeling onvoldoende rekening is gehouden met de voor hem op psychiatrische gronden bestaande arbeidsbeperkingen en dat ten aanzien van de WAZ-uitkering het maatmaninkomen onjuist is vastgesteld? Is er sprake van schending van het gelijkheids- en het vertrouwensbeginsel?

LJN BA6393 - Weigering WAZ-uitkering aansluitend aan de wettelijke wachttijd van 52 weken, omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Is de eerste arbeidsongeschiktheidsdag juist vastgesteld? Het bestreden besluit is onvoldoende zorgvuldig voorbereid en berust niet op een deugdelijke motivering, zodat het is genomen in strijd met het bepaalde in de artikelen 3:2 en 7:12 van de Awb.

LJN BA6444 - Toekenning met ingang van de datum in geding van een WAZ-uitkering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65%. Het rapport van de arbeidsdeskundige doet geen enkele twijfel rijzen aan de juistheid van de schatting.

LJN BA6519 - Weigering WAZ-uitkering onder de overweging dat betrokkene met zijn beperkingen in staat is zijn werk als zelfstandig pensioenadviseur te verrichten. Stelt betrokkene terecht dat hij vanwege zijn slaapapneusyndroom met ingang van de datum in geding aanspraak op WAZ-uitkering kan maken?

LJN BA6621 - Weigering WAZ-uitkering onder de overweging dat betrokkene met zijn beperkingen in staat is zijn werk als directeur te verrichten. Heeft het UWV terecht geen urenbeperking aangenomen? Zijn betrokkenes psychische klachten onderschat? Het door de bezwaarverzekeringsarts ingestelde medisch onderzoek is voldoende zorgvuldig te achten en de daarop gebaseerde conclusie is juist te achten.

LJN BA6635 - Toekenning WAZ-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%. Verlaging van de uitkering op grond van artikel 58 van de WAZ wegens inkomsten uit arbeid. Zijn het maatmaninkomen en de medische beperkingen bij het verrichten van arbeid juist vastgesteld?

LJN BA7190 - Hangende het hoger beroep intrekking van het bestreden besluit waarbij WAZ-uitkering is geweigerd omdat betrokkene minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Het UWV zal bij het nemen van een nieuw besluit op bezwaar tevens aandacht moeten besteden aan de vraag in hoeverre er reden is om (rente)schade te vergoeden.

LJN BA7308 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Berust het bestreden besluit op een juiste medische en arbeidskundige grondslag? Stelt betrokkene terecht dat uit een op haar verzoek verrichte expertise door een neuroloog blijkt dat zij aanzienlijk meer beperkt is dan het UWV heeft aangenomen en dat de rechtbank hierin ten onrechte geen aanleiding heeft gevonden haar te laten onderzoeken door een eigen deskundige?

LJN BA7320 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene, na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken, met ingang van de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Daarbij heeft het UWV overwogen dat betrokkene weliswaar beperkingen ondervindt bij het verrichten van arbeid, maar dat met inachtneming van die beperkingen hij geschikt is te achten voor zijn eigen werk. De rechtbank heeft nagelaten om de door haar ingeschakelde deskundige te confronteren met het naar aanleiding van zijn rapport door de betrokkene behandelende internist/hematoloog/oncoloog ingenomen, gemotiveerde en deels andersluidende standpunt.

LJN BA7322 - Intrekking WAZ-uitkering omdat betrokkene geschikt wordt geacht voor gangbaar werk in loondienst waarmee zij ten minste hetzelfde kan verdienen als met haar vroegere werk als zelfstandig Tupperwareverkoopster. Hoewel niet alle geselecteerde functies aan de beperkingen van betrokkene lijken tegemoet te komen, resteren er naar het oordeel van de rechtbank voldoende functies met een voldoende aantal arbeidsplaatsen die vallen binnen de belastbaarheid van betrokkene.

LJN BA7517 - Weigering WAZ omdat betrokkene een dusdanig inkomen kan verwerven dat er geen sprake is van een relevant verlies aan verdiencapaciteit. Wegens overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM wordt ten laste van het UWV een vergoeding toegekend voor immateriële schade ten bedrage van €1000,-.

LJN BA7534 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene op en na de datum in geding minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Stelt betrokkene terecht dat zij op en na de datum in geding zodanige beperkingen in haar lichamelijke en psychische belastbaarheid ondervindt dat duurzaam benutbare mogelijkheden tot arbeid ontbreken en zij bovendien in haar persoonlijk en sociaal functioneren volledig beperkt is te achten?

LJN BA7735 - Hangende het hoger beroep is het UWV bij het nieuwe besluit op bezwaar volledig tegemoetgekomen aan de bezwaren van betrokkene. Veroordeling van het UWV tot vergoeding van de wettelijke rente over de na te betalen uitkering.

LJN BA8047 - Toekenning na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken van een WAZ-uitkering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Stelt betrokkene terecht dat hij medisch gezien niet in staat is de aan hem voorgehouden functies te vervullen? De belasting in de aan de schatting ten grondslag gelegde functies leidt niet tot overschrijding van de belastbaarheid van betrokkene.

LJN BA8072 - Weigering WAZ-uitkering omdat betrokkene geschikt wordt geacht voor de eigen maatgevende arbeid. Stelt betrokkene terecht dat hij wegens de restverschijnselen van zowel de doorgemaakte blaaskanker als van het verkeersongeval ten onrechte in staat is geacht tot het verrichten van de eigen werkzaamheden? De CRvB ziet geen aanleiding om, zoals van de zijde van betrokkene verzocht, een onderzoek door een onafhankelijk deskundige te gelasten.

LJN BA8076 - Hangende het hoger beroep is het UWV, als gevolg van nieuwe jurisprudentie van de CRvB, volledig tegemoetgekomen aan de bezwaren van betrokkene. Toewijzing van proceskostenvergoeding.

LJN BA8287 - Weigering WAZ-uitkering op de grond dat aan betrokkene reeds een WAZ-uitkering was toegekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% met f 0,00 als uitkeringsgrondslag. Betrokkene heeft, gelet op de aard van de aandoening, in de periode in geding in wezen ten koste van zijn eigen gezondheid gewerkt. Nu er derhalve in de periode in geding geen sprake is geweest van een dusdanige wijziging in betrokkenes gezondheidstoestand dat de mate van arbeidsongeschiktheid op minder dan 25% zou moeten worden gesteld, heeft het UWV zich terecht op het standpunt gesteld dat de eerste arbeidsongeschiktheidsdag de datum in geding is gebleven en dat derhalve ook de grondslag ongewijzigd f 0,00 is.

LJN BA8440 - Ter uitvoering van de uitspraak van de rechtbank is betrokkene een WAZ-uitkering toegekend, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. De rechtbank heeft terecht overwogen dat met de beschikbare verzekeringsgeneeskundige en arbeidskundige rapporten voldoende inzicht werd geboden in en voldoende mogelijkheid werd geboden tot toetsing van de onderhavige schatting. Het bestreden besluit berust op een juiste medische grondslag. Niet is gebleken dat betrokkene met zijn bekwaamheden niet in staat is de hem geduide functies te verrichten.

LJN BA9576 - Schatting WAZ-uitkering. Vaststelling grondslag. Tussen partijen is primair in geschil of het UWV in de omstandigheid dat betrokkene in de periode in geding een omzet van meer dan fl. 40.000,- heeft behaald en hij voor de rest van het jaar opdrachten in portefeuille had die die omzet nog aanzienlijk zouden doen stijgen, naar de stelling van betrokkene zelfs tot fl. 150.000,-, voor het UWV aanleiding hadden moeten vormen om de hardheidsbepaling van artikel 10, derde lid, van het Inkomensbesluit WAZ toe te passen.

LJN BA9592 - Intrekking WAZ- en TW-uitkering. Fraude. Terugvordering van €14.082,01 onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering en €6060,81 TW-uitkering. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat niet is gebleken van feiten of omstandigheden die ertoe zouden moeten leiden dat wordt afgeweken van het in vaste rechtspraak van de Raad neergelegde uitgangspunt dat de tijdens een opsporingsonderzoek afgelegde verklaringen worden gevolgd. De Raad stelt vast dat appellant van zijn werkzaamheden en inkomsten als chauffeur geen melding heeft gemaakt en dat het UWV eerst hiervan kennis kreeg via het rapport uitkeringsfraude.

LJN BA9891 - Schatting WAZ-uitkering. De uitkering wordt niet uitbetaald vanwege de hoogte van de inkomsten. In beginsel dient te worden uitgegaan van de fiscale keuze van de verzekerde en is afwijking daarvan slechts in bijzondere omstandigheden mogelijk. Appellant heeft niet aannemelijk kunnen maken dat van zulke bijzondere omstandigheden sprake is, zodat moet worden uitgegaan van het door de fiscus aangegeven bedrag als beloning voor het verrichten van arbeid.

LJN BA9910 - WAZ-schatting. Is de beoordeling door een verzekeringsarts i.o. die niet is geregistreerd als verzekeringsarts bij de Sociaal-Geneeskundigen Registratie Commissie in strijd met het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten van 8 juli 2000? De Raad acht dit gebrek hersteld door het onderzoek van de bezwaarverzekeringsarts.

LJN BB0539 - Korting op de WAZ-uitkering in verband met inkomsten uit onderneming. Niet valt in te zien op welke grond aan de arbeidsprestatie van appellant niet de door hemzelf als directeur-grootaandeelhouder toegekende loonwaarde valt toe te kennen. Appellant bleef als directeur-grootaandeelhouder de eindverantwoordelijkheid over de bedrijfsvoering houden en hij kon in die hoedanigheid ook zelf de hoogte van zijn loon bepalen. Bovendien is het genoten loon ook fiscaal in volle omvang als loon verantwoord, hetgeen volgens vaste rechtspraak van de Raad betekent dat dit loon in aanmerking moet worden genomen voor de toepassing van artikel 58 van de WAZ, tenzij er bijzondere omstandigheden zijn om van dit uitgangspunt af te wijken.

LJN BB1470 - Intrekking WAZ-uitkering. In zijn rapportages heeft de bezwaarverzekeringsarts onvoldoende overtuigend toegelicht waarom de eerder aangenomen duurbeperking is komen te vervallen. Onder deze omstandigheden mist het bestreden besluit een draagkrachtige motivering. Aan het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen, waarbij een verdergaande inhoudelijke medische onderbouwing noodzakelijk is, zo nodig door middel van een psychiatrische expertise.

LJN BB1722 - Heeft betrokkene recht op een WAZ-uitkering of een WAO-uitkering? De Raad is met de rechtbank van oordeel dat het UWV er niet in is geslaagd op voldoende deugdelijke wijze te motiveren dat betrokkene werkzaam was als zelfstandige en niet als werknemer in dienstbetrekking.

LJN BB2309 - Toekenning WAZ-uitkering. Vaststelling eerste arbeidsongeschiktheidsdag. De bepaling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag is in dit geval onder meer van belang voor de vaststelling van de hoogte van de grondslag waarnaar de WAZ-uitkering wordt berekend en voor de ingangsdatum van de uitkering op grond van artikel 36 van de WAZ.

LJN BB3872 - Weigering WAZ-uitkering op de grond dat betrokkene niet als verzekerde in de zin van de WAZ kan worden aangemerkt, omdat hij in de relevante perioden geen werkzaamheden heeft verricht als zelfstandige.

LJN BB6169 - Korting WAZ-uitkering. Bij de vaststelling van het inkomen uit arbeid van een zelfstandige wordt in beginsel doorslaggevende betekenis toegekend aan de door die zelfstandige in het kader van de fiscale wetgeving gemaakte keuzes. Aan de Raad is niet kunnen blijken van bijzondere omstandigheden die in het geval van betrokkene nopen tot het aanvaarden van een uitzondering op genoemde hoofdregel.

LJN BB6448 - Beëindiging WAZ-uitkering. Vaststelling maatmaninkomen en maatmanomvang. De Raad is van oordeel dat de maatmanomvang het verlies aan verdiencapaciteit niet beïnvloedt. Het verlies aan verdiencapaciteit wordt in een geval als hier berekend door vergelijking van het inkomen per uur dat de zelfstandige nog zou kunnen verdienen als hij niet door ziekte of gebrek zou zijn getroffen (het inkomen van de maatman) met het uurloon dat met gangbare arbeid kan worden verdiend.

LJN BC0038 - Weigering om terug te komen van een anticumulatiebesluit en een terugvorderingsbesluit omdat niet gebleken is van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden. Wat er ook zij van de fout van haar boekhouder, appellantes persoonlijke problemen en de voorlichting door de UWV-medewerkers zijn geen nieuwe feiten of veranderde (wettekst) omstandigheden als bedoeld in artikel 4:6 van de Awb.

LJN BC0455 - Opnihilstelling WAZ-uitkering. Is terecht uitgegaan van het maatgevend inkomen aan de hand van de winst over een langer tijdvak dan de drie jaar voorafgaande aan het jaar waarin de arbeidsongeschiktheid is ingetreden?

LJN BC1734 - Schatting WAZ-uitkering. De huuropbrengst van de loods kan niet worden aangemerkt als inkomen uit arbeid als bedoeld in artikel 58 van de WAZ. Betrokkene heeft ervoor gekozen om de huuropbrengsten van de loods voor de fiscus niet langer als winst uit onderneming op te voeren, welke keuze blijkens het betreffende rapport door de fiscus is aanvaard.

LJN BC3690 - Weigering WAZ-uitkering. In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat de besluitvorming door het UWV niet zorgvuldig is verlopen en dat zij meer beperkingen heeft dan in de FML is neergelegd. Het oordeel van een onafhankelijke door de bestuursrechter ingeschakelde deskundige wordt in beginsel gevolgd. Het bestreden besluit berust niet op een deugdelijke medische grondslag.

LJN BC3735 - Er is geen dringende reden in de zin van artikel 63 van de WAZ en artikel 20 van de TW om af te zien van terugvordering van WAZ- en TW-uitkering wegens ernstige ziekte met zeer belastende medische behandelingen en onaanvaardbare lijdensdruk.

LJN BC4212 - Schatting WAZ-uitkering. Hoe moeten de negatieve inkomsten uit de commanditaire vennootschap worden gekenmerkt?

LJN BC6256 - Anticumulatie. Winstverdeling. Er is in dit geval aanleiding om de fiscale keuze van betrokkene niet te volgen, aangezien de feitelijke situatie met betrekking tot de bedrijfsvoering ten opzichte van de voorgaande jaren niet is veranderd. Er heeft zich geen wijziging voorgedaan in de aard van de werkzaamheden van beide echtelieden dan wel in het aandeel van ieder van hen in deze werkzaamheden, welke de gewijzigde fiscale keuze rechtvaardigt.

LJN BC6540 - Weigering WAZ-uitkering omdat appellant op de eerste arbeidsongeschiktheidsdag niet meer als zelfstandig ondernemer werkaam was.

LJN BC7006 - Weigering WAZ-uitkering omdat appellant in staat moet worden geacht tot het verrichten van zijn maatgevende arbeid als zelfstandig ondernemer. Met het UWV is de Raad van oordeel dat de destijds met de looptraining gemoeide tijdsinvestering het verrichten door appellant van fulltimewerkzaamheden als zelfstandige niet in de weg behoefde te staan.

LJN BC8701 - Korting WAZ-uitkering wegens inkomsten. Terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering. De vrijval van de fiscale oudedagreserve is terecht aangemerkt als inkomsten uit arbeid. Er zijn geen bijzondere omstandigheden om daarvan af te wijken.

LJN BC9193 - Heeft het UWV bij de op grond van artikel 58 van de WAZ toegepaste korting op de WAZ-uitkering - in afwijking van de door appellant gemaakte fiscale keuze - terecht de in 2003 vrijgevallen herinvesteringsreserve als inkomsten uit arbeid in aanmerking genomen?

LJN BD2725 - Weigering WAZ-uitkering omdat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Het oordeel van een onafhankelijke door de bestuursrechter ingeschakelde deskundige wordt in beginsel gevolgd. In dit geval is er geen grond om van dat uitgangspunt af te wijken. Appellant dient op de datum in geding geschikt worden geacht voor zijn eigen werk.

LJN BD9734 - Herziening WAZ-uitkering. Heeft het UWV op juiste gronden de mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op minder dan 25% en de WAZ-uitkering ingetrokken? Het UWV was gerechtigd het feitelijke gegeven te corrigeren en de door de bezwaarverzekeringsarts gemaakte, evidente, fout te herstellen.

LJN BE9122 - Weigering WAZ-uitkering. Er bestaat onvoldoende adequaat inzicht in belastende aspecten van de te verrichten eigen arbeid. Het bestreden besluit ontbeert (deels) een deugdelijke motivering.

LJN BE9392 - Afwijzing van het verzoek om als voorlopige voorziening een voorschot op de WAZ-uitkering toe te kennen, omdat geen sprake is van een onhoudbare financiële noodsituatie. De voorzieningenrechter neemt daarbij in aanmerking dat de echtgenote van verzoeker over enige uitkering beschikt en zij de hypotheek van de echtelijke woning heeft verhoogd.

LJN BF0229 - Tussen partijen is in geschil of het UWV, contra legem, op grond van de Regeling schorsing, opschorting, herziening en intrekkingen uitkeringen en/of het rechtszekerheidsbeginsel en/of het vertrouwensbeginsel de uitkering dient te laten ingaan op de datum in geding op basis van een grondslag €28,21 per dag.

LJN BF0368 - Intrekking en terugvordering WAZ-uitkering met terugwerkende kracht. De Raad is van oordeel dat het appellant redelijkerwijs duidelijk had kunnen zijn dat de bijtelling voor privégebruik van de auto een bestanddeel van zijn inkomen was dat van belang was voor de toepassing van de WAZ. Er is geen sprake van dringende redenen om van terugvordering af te zien.

LJN BF9017 - Korting, schorsing, intrekking en terugvordering WAZ-uitkering wegens inkomsten uit verhuur van panden. De fiscale keuze is in beginsel doorslaggevend. De huurinkomsten zijn bij de fiscus als winst uit onderneming opgevoerd, hetgeen door de fiscus is geaccepteerd. Toepassing van de hiervoor vermelde hoofdregel brengt mee dat de huuropbrengsten in beginsel terecht als inkomen uit arbeid zijn aangemerkt. Er is geen sprake van een bijzondere omstandigheid gelegen in de beperkte arbeidsinbreng.

LJN BG1647 - Weigering WAZ-uitkering omdat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Er is geen sprake van onzorgvuldig medisch onderzoek; het bestreden besluit berust op een juiste medische grondslag. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat appellant per datum in geding in staat wordt geacht de door de arbeidsdeskundige voorgehouden functies te verrichten en dat het UWV deze functies op goede gronden heeft gebruikt voor de schatting. Het maatmaninkomen is juist berekend, uitgaande van de opgave van de door appellant behaalde winst over de jaren 2000, 2001 en 2002.

LJN BG4213 - Ingangsdatum WAZ-uitkering. Er is geen sprake van een bijzonder geval in de zin van artikel 36, tweede lid, van de WAZ als gevolg waarvan appellante niet tijdig haar WAZ-uitkering heeft kunnen aanvragen. Er zijn geen overtuigende gegevens voorhanden op grond waarvan aangenomen zou moeten worden dat appellante bij voortduring buiten staat is geweest tot adequate behartiging van haar belangen. Appellante heeft in de betrokken periode mede aandacht aan haar werk geschonken en heeft haar moeder verzorgd, terwijl zij voorts een beroep op haar echtgenoot had kunnen doen om haar belangen te behartigen.

LJN BG6000 - Intrekking en terugvordering WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid als directeur-grootaandeelhouder. Appellant wordt in staat geacht zodanige inkomsten te verwerven dat hij niet langer arbeidsongeschikt in de zin van de WAZ is.

LJN BG8317 - Weigering WAZ-uitkering. De vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag in het onderhavige geding mag niet louter speculatief van aard zijn en er moet enig concrete aanleiding bestaan voor de keuze van een bepaalde datum. De bezwaarverzekeringsarts heeft aansluiting gezocht bij hetgeen appellante op het spreekuur heeft gezegd, namelijk dat zij vanaf januari 2005 om medische redenen minder is gaan werken en dat de winstverhouding met ingang van januari 2005 is gewijzigd. Van een eerdere aanvang van de arbeidsongeschikt is niet gebleken, te meer ook de belastingopgave van appellante over de jaren 2003 en 2004, waarin zij zogenoemde zelfstandigenaftrek heeft geclaimd, er - gelet op de voorwaarden voor zulk een aftrek - geenszins op wijst dat zij in 2003 en 2004 haar werkzaamheden reeds had gestaakt of drastisch had verminderd.

LJN BG8338 - Herziening met terugwerkende kracht van de WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. De hoogte van de inkomsten uit arbeid als zelfstandige kunnen pas na afloop van een boekjaar worden vastgesteld, waardoor pas later kan worden overgegaan tot het toepassen van een korting op de uitbetaling van een uitkering, dan wel tot herziening van die uitkering over een reeds afgesloten periode.

LJN BG9695 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering. Het UWV is wettelijk verplicht om te veel betaalde uitkering terug te vorderen, zelfs ingeval het UWV een fout heeft gemaakt. Het UWV mag alleen van terugvordering afzien als sprake is van een dringende reden. Van zo’n dringende reden is sprake als het gevolg van de terugvordering onaanvaardbaar is, hetgeen hier niet het geval is.

LJN BG9840 - Herziening en terugvordering WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Het beginsel van rechtszekerheid vergt dat de toepassing van een anticumulatiebepaling, zoals bedoeld in artikel 58 van de WAZ, met terugwerkende kracht op reeds betaalde uitkeringen niet kan plaatsvinden. Dit beginsel lijdt echter uitzondering indien betrokkene wist, dan wel redelijkerwijs kan worden geacht te weten, dat de inkomsten uit arbeid van invloed kunnen zijn op het recht op of de hoogte van de arbeidsongeschiktheidsuitkering.

LJN BH2292 - Intrekking WAZ-uitkering omdat de mate van arbeidsongeschiktheid is afgenomen naar minder dan 25%. Het bestreden besluit berust op voldoende medische en arbeidskundige grondslag. De in het dossier aanwezige medische gegevens bieden voldoende aanknopingspunten voor het oordeel dat ten aanzien van appellant een juist medisch standpunt met betrekking tot zijn beperkingen en mogelijkheden tot het verrichten van arbeid zijn ingenomen. Er is geen grond om de bij de schatting gebruikte functies aan te merken als liggend buiten het bereik van appellant.

LJN BH5147 - Ongewijzigde vaststelling WAZ-uitkering. Het UWV heeft toereikend gemotiveerd dat de belasting in de aan de schatting ten grondslag gelegde functies de ten aanzien van appellant vastgestelde belastbaarheid niet te boven gaat. Voor zover appellants grief ten aanzien van zijn wisselvallige inzetbaarheid moet worden opgevat als een beroep op excessief ziekteverzuim, is voor die stelling onvoldoende steun te vinden in de beschikbare gedingstukken. Onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat het UWV ten onrechte is uitgegaan van een urenomvang van de maatman van 60 uur per week.

LJN BH5180 - Weigering WAZ-uitkering. Bij de bepaling van het maatmaninkomen van een zelfstandige dient in beginsel te worden uitgegaan van de door de fiscus aanvaarde nettowinst over de laatste drie boekjaren voorafgaande aan het jaar van het intreden van de arbeidsongeschiktheid. In het onderhavige geval is niet gebleken dat zich een zodanige bijzondere situatie voordoet dat afwijking van de referteperiode van drie jaar is aangewezen. De door appellant behaalde nettowinst in de periode in geding was weliswaar hoger dan in de drie daaropvolgende jaren, maar het is de Raad niet gebleken dat dit zijn oorzaak vindt in redenen die liggen buiten het normale ondernemersrisico.

LJN BH7090 - Weigering WAZ-uitkering. Het bestreden besluit berust op voldoende medische grondslag. De geduide functies gaan de belastbaarheid niet te boven. Rechtbank heeft het besluit terecht vernietigd omdat de maatman ten onrechte was gemaximeerd. De rechtsgevolgen werden in stand gelaten omdat bij het achterwege laten van die maximering onveranderd sprake is van een mate van arbeidsongeschiktheid van minder dan 25%.

LJN BI1555 - Weigering WAZ-uitkering. Het bestreden besluit berust op voldoende medische en arbeidskundige grondslag. De belastbaarheid is juist vastgesteld. Het UWV heeft geheel in overeenstemming met de vaste rechtspraak van de Raad het maatmaninkomen van appellant vastgesteld aan de hand van de door de fiscus aanvaarde nettowinst over de laatste drie boekjaren voorafgaand aan de eerste arbeidsongeschiktheidsdag. Slechts in zeer bijzondere gevallen, waarin overduidelijk is dat de in die drie jaren behaalde winst geen reële afspiegeling vormt van de verdiencapaciteit als gezonde zelfstandige, bestaat ruimte voor afwijking van deze hoofdregel. Daarvan is in het geval van appellant niet gebleken. Het UWV heeft terecht gesteld dat het door de werking van de zogenoemde reductiefactor niet uitmaakt of appellant voorafgaand aan zijn uitval wegens ziekte 48 uur of minder heeft gewerkt.

LJN BI3028 - Weigering WAZ-uitkering na het doorlopen van de wachttijd van 52 weken. Het UWV heeft terecht een WAZ-uitkering geweigerd omdat de beperkingen van appellant in de periode van vijf jaar vanaf de datum in geding niet zijn toegenomen. De Raad ziet in de beschikbare medische gegevens geen redenen om te twijfelen aan het oordeel van de (bezwaar)verzekeringsarts.

LJN BI4859 - Herziening WAZ-uitkering met terugwerkende kracht per einde wachttijd, omdat appellant nog werkzaam was in zijn eigen bedrijf en daaruit inkomsten genoot. Terugvordering van €20.962,86. De inkomsten zijn niet onjuist vastgesteld. Appellant had redelijkerwijs moeten begrijpen dat die inkomsten niet konden samengaan met een ongewijzigde voortzetting van zijn uitkering op basis van een volledige arbeidsongeschiktheid. Er is geen sprake van gewekte verwachtingen. Er is geen dringende reden om af te zien van terugvordering.

LJN BI9068 - Herziening WAZ-uitkering. Uit de door de huisarts verstrekte gegevens kan niet worden afgeleid dat sprake was van een aan het verrichten van arbeid in de weg staande chronische depressiviteit. Het bestreden besluit berust op voldoende medische en arbeidskundige grondslag, zij het dat toereikende arbeidskundige onderbouwing eerst in hoger beroep is gegeven. Vernietiging van de aangevallen uitspraak, met instandlating van de rechtsgevolgen.

LJN BJ0643 - Intrekking WAZ-uitkering. De rechtbank heeft het bestreden besluit vernietigd wegens onzorgvuldigheid, omdat de door betrokkene overgelegde contra-expertise niet was voorgelegd aan de door het UWV zelf geraadpleegde deskundige. De Raad concludeert dat de rechtbank terecht het besluit heeft vernietigd, maar ziet aanleiding de rechtsgevolgen in stand te laten. De Raad heeft een deskundige benoemd, die zich verenigt met de opgestelde FML, met uitzondering van een nog toe te voegen beperking ten aanzien van gedwongen nietsdoen.

LJN BJ2430 - Met het nader besluit is geheel tegemoetgekomen aan appellants grieven. Afwijzing vergoeding van (immateriële) schade wegens veroorzaakt geestelijk letsel: naar het oordeel van de Raad is appellant er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat hij zodanig heeft geleden onder de besluiten van het UWV dat sprake was van geestelijk letsel dat kan worden beschouwd als een aantasting van zijn persoon. Toekenning schadevergoeding wegens schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het EVRM van twaalf maal €500,-, zijnde €6000,-.

LJN BJ5656 - Herziening WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Dat in het verleden een urenbeperking in aanmerking is genomen, brengt niet met zich dat het UWV daaraan ook voor de toekomst is gebonden. Het gaat immers om de beoordeling van de mogelijkheden van appellant per de in geding zijnde datum. Het bestreden besluit berust op voldoende medische en arbeidskundige grondslag.

LJN BJ7241 - Intrekking WAZ-uitkering omdat appellant niet langer ten minste 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. De grief van appellant over de eerste arbeidsongeschiktheidsdag is voor het eerst in beroep opgeworpen en valt buiten de omvang van het geding.

LJN BJ9684 - Afwijzing verzoek om vergoeding van immateriële schade als gevolg van trage besluitvorming. Artikel 6 van het EVRM heeft betrekking op de behandeling binnen een redelijke termijn door de rechter en niet door het bestuursorgaan. Wel wordt, indien tegen het besluit op bezwaar beroep wordt ingesteld, de bezwaarfase betrokken bij de beoordeling van de vraag of de redelijke termijn in de procedure als geheel is overschreden. Appellant heeft verzocht om vergoeding van immateriële schade die het gevolg is van de duur van de behandeling van zijn gedane verzoek om een zelfstandig schadebesluit. De Raad stelt vast dat het UWV bij besluit van 7 september 2006 het verzoek om een zelfstandig schadebesluit heeft afgewezen, daarbij beslissend op het bezwaar tegen het uitblijven van een beslissing op het verzoek. Tegen het besluit van 7 september 2006 heeft appellant geen beroep bij de rechtbank ingesteld, zodat hij aan artikel 6 van het EVRM geen aanspraak op schadevergoeding kan ontlenen.

LJN BK3088 - Weigering WAZ-uitkering. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van betrokkene gegrond verklaard en bepaald dat betrokkene recht heeft op een WAZ-uitkering berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. Hoger beroep UWV. Het uitgangspunt van het UWV omtrent de omvang van de maatmanarbeid is onjuist. Het inkomen vormt geen reële afspiegeling van de verdiensten van de aan betrokkene soortgelijke personen. Het bedrijf van betrokkene heeft in een reeks van jaren voorafgaande aan de uitval van betrokkene verlies geleden. In zo’n situatie kan ervan worden uitgegaan dat het maatmaninkomen op het minimumloon behorend bij een werkweek van 40 uren ligt (zie LJN AU6937).

LJN BK6881 - Intrekking WAZ-uitkering. De medische beperkingen zijn niet onderschat. Uitgaande van de juistheid van de gestelde beperkingen moet appellant ook naar het oordeel van de Raad in staat worden geacht de door de bezwaararbeidsdeskundige geselecteerde functies te verrichten. Met de zich onder de gedingstukken bevindende arbeidskundige rapporten acht de Raad de geschiktheid van deze functies in medisch opzicht voor appellant voldoende gemotiveerd. Overigens heeft appellant geen zelfstandige grieven tegen de arbeidskundige grondslag van het bestreden besluit aangevoerd.

LJN BK8344 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Tegen de kortingsbesluiten is geen beroep ingesteld, waarmee in rechte vaststaat dat op basis van appellants inkomen de mate van zijn arbeidsongeschiktheid in 2004 en 2005 minder dan 25% bedraagt. Nu in beide jaren de WAZ-uitkering toch tot uitkering is gekomen, staat tevens vast dat in deze jaren ten onrechte WAZ-uitkering is betaald.

LJN BK9267 - Weigering WAZ-uitkering omdat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt wordt geacht. Het bestreden besluit berust op zorgvuldig medisch onderzoek. Er is voldoende rekening gehouden met de gevolgen van de geconstateerde fibromyalgie en voldoende aannemelijk gemaakt dat voor het aannemen van meer of zwaardere beperkingen geen reden bestaat. Appellant wordt geschikt geacht voor de geselecteerde functies.

LJN BL5478 - Terugvordering WAZ-uitkering. De Raad kan de overwegingen van de rechtbank met betrekking tot het bruto (in plaats van netto) terugvorderen van het onverschuldigd betaalde bedrag onderschrijven. De Raad voegt daar nog aan toe dat het UWV appellant in het besluit tot terugvordering uitdrukkelijk gewezen heeft op de mogelijkheid van het terugvragen aan de Belastingdienst van de ingehouden loonheffing bij terugbetaling vóór 31 december van dat jaar. Ook met de overwegingen van de rechtbank betreffende het overschrijden van de beslistermijn en het - overigens alleen in het primaire terugvorderingsbesluit - ontbreken van de vermelding van de wettelijke grondslag kan de Raad instemmen. Het UWV heeft voldoende toegelicht uit welke onderdelen en bedragen het totale bedrag van de terugvordering is opgebouwd.

LJN BL6668 - Vaststelling ingangsdatum WAZ-uitkering. De Raad is van oordeel dat het beleid op consistente wijze is toegepast door hervatting van de uitkering met ingang van de dag dat het UWV alsnog de gevraagde gegevens heeft ontvangen.

LJN BM0467 - Weigering om terug te komen van eerder genomen, rechtens onaantastbaar besluit tot intrekking van de WAZ-uitkering. Weliswaar kan worden gesteld dat het operatieverslag voorheen niet bekend was en derhalve kan worden aangemerkt als een nieuw feit, maar daarmee staat niet vast dat de eerder door het UWV aangenomen beperkingen ten aanzien van appellant in een ander licht moeten worden geplaatst, laat staan dat deze onjuist zijn vastgesteld. Daarbij neemt de Raad in aanmerking dat de verzekeringsarts en de bezwaarverzekeringsarts bij hun herbeoordeling alle beschikbare medische informatie in onderling verband hebben bezien en in het operatieverslag geen aanleiding hebben gezien voor een wijziging van het medisch oordeel.

LJN BM5863 - Afwijzing verzoek om met toepassing van het bepaalde in artikel 20 van de WAZ wederom in aanmerking te komen voor een WAZ-uitkering. Het verzoek is naar het oordeel van de Raad door het UWV terecht aangemerkt als een verzoek om terug te komen van een in rechte onaantastbaar besluit dat moet worden beoordeeld in het kader van artikel 4:6, eerste lid, van de Awb. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat er in het onderhavige geval geen sprake is van nieuw gebleken feiten of gewijzigde omstandigheden in de zin van deze bepaling.

LJN BM5955 - Vaststelling grondslag WAZ-uitkering. Als de totaalsom van de door een verzekerde als zodanig verworven winst en inkomsten in enig boekjaar of kalenderjaar tot een negatief bedrag leidt, zal de winst en inkomsten op nihil worden gesteld. De WAZ en het Inkomensbesluit WAZ ontberen een compensatiemechanisme. Appellante komt in aanmerking voor vergoeding van wettelijke rente over de te late betaling.

LJN BM8628 - Vaststelling eerste arbeidsongeschiktheidsdag. De gestelde afgenomen winst is geen doorslaggevend argument voor het aannemen van een eerdere eerste arbeidsongeschiktheidsdag nu deze factor, zoals de rechtbank terecht heeft overwogen, op zich geen direct verband hoeft te houden met objectief medisch vaststelbare beperkingen van appellante.

LJN BN3258 - Afwijzing aanvraag voor een re-integratievoorziening in de vorm van een aanpassing van het automatiseringssysteem, een automatisch voersysteem en een mengkastje ten behoeve van het mengvoeren. De Raad oordeelt dat artikel 67c van de WAZ zo moet worden begrepen dat een arbeidsplaatsvoorziening uitsluitend kan worden verstrekt aan startende zelfstandigen.

LJN BN5167 - Intrekking en terugvordering WAZ-uitkering. Appellant heeft werkzaamheden voor bedrijven verricht en meer inkomsten ontvangen dan waarvan hij melding heeft gemaakt. Schending van de inlichtingenverplichting.

LJN BN8690 - Terechte weigering WAZ-uitkering. Appellant heeft zijn aanvraag jaren na de door hem gestelde eerste arbeidsongeschiktheidsdag gedaan. De onzekerheid en onduidelijkheid over zijn medische toestand, die daardoor is ontstaan, komt in dit geval voor zijn rekening en risico.

LJN BO1753 - Herziening WAZ-uitkering. Het bestreden besluit berust op voldoende medische grondslag. De Raad is van oordeel dat de gedingstukken onvoldoende aanknopingspunten bieden om in verband met de door appellant ondervonden pijnklachten volledige arbeidsongeschiktheid op de datum in geding aan te nemen. Er is onvoldoende grondslag voor het aannemen van een urenbeperking. Uitgaande van de juistheid van de door het Uwv voor appellant vastgestelde belastbaarheid ziet de Raad met de rechtbank geen grond om de aan het bestreden besluit ten grondslag gelegde functies voor appellant medisch niet geschikt te achten.

LJN BO4014 - Weigering WAZ-uitkering. Gelet op het geheel van de over appellant beschikbare medische gegevens, bieden deze - gemeten aan de vereiste objectieve maatstaf - onvoldoende aanknopingspunten om tot het oordeel te komen dat het standpunt van het UWV dat appellant op en na de datum in geding niet wegens ziekte of gebrek buiten staat kan worden geacht om buiten het familiebedrijf te functioneren als directeur van een groothandel in sanitair en derhalve niet arbeidsongeschikt in de zin van de WAZ is, onjuist is te achten.

LJN BO6013 - Anticumulatie. Onder de winst uit onderneming wordt verstaan de fiscale winst vermeerderd met de ondernemersaftrek. Een berekening van de mate van arbeidsongeschiktheid waarbij rekening wordt gehouden met de werkzaamheden voor uitval in een omvang van 46 uur leidt niet tot wijziging van het arbeidsongeschiktheidspercentage.

LJN BO6014 - Anticumulatie. Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering. Appellants inkomsten uit de VOF zijn aan te merken als inkomsten uit arbeid. Appellant heeft beheersactiviteiten verricht die te beschouwen zijn als arbeid. Naar de fiscus toe zijn de inkomsten als winst uit onderneming verantwoord en tevens is een zelfstandigenaftrek geclaimd, welk verzoek door de fiscus is gehonoreerd.

LJN BP1938 - Herziening WAZ-uitkering. Uit het CBBS blijkt niet dat de functies "administratief medewerker (beginnend)" en "boekhouder, kassier, loonadministrateur" beschikbaar zijn in een parttimevariant die aan de gestelde arbeidsduur van appellant voldoet. Voorts heeft het UWV bevestigd dat het er sterk op lijkt dat er geen andere functies te duiden zijn met parttimemogelijkheden die wel tegemoetkomen aan de voor appellant vastgestelde urenbeperking. De arbeidskundige grondslag is ontoereikend.

LJN BP2224 - Niet-uitbetaling WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid (winkel- en kamerverhuur). Op bedrijfsmatige wijze worden inkomsten gegenereerd door betrokkene. De Raad volgt het UWV dan ook in het standpunt dat de feitelijke situatie niet in overeenstemming is met de fiscale keuze. Naar het oordeel van de Raad is dus gebleken van bijzondere omstandigheden op grond waarvan de fiscale keuze bij de toepassing van artikel 58 van de WAZ in redelijkheid niet tot uitgangspunt had kunnen worden genomen.

LJN BP9715 - Weigering WAZ-uitkering. Er is geen sprake van relevante toegenomen functiestoornissen. Er zijn onvoldoende objectiveerbare gegevens voorhanden om te kunnen spreken van toegenomen arbeidsongeschiktheid. Van enige onzorgvuldigheid van het medisch onderzoek is niet gebleken.

LJN BQ0116 - Gegrondverklaring verzet. De Raad is van oordeel dat de overschrijding van de hogerberoepstermijn verschoonbaar is. Dit betekent dat de uitspraak van de Raad van de datum in geding vervalt en dat het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.

LJN BQ1381 - Hoogte van de door de rechtbank vastgestelde vergoeding vanwege door appellante gemaakte kosten in verband met het verslag van een neuroloog. Het aantal door de neuroloog bestede uren van 23 komt de Raad redelijk voor. Gelet op de forfaitaire vergoeding van €81,23 per uur dient een bedrag van €1868,29 door het UWV aan appellante te worden vergoed. Op dit punt wordt de aangevallen uitspraak vernietigd.

LJN BQ6441 - Ingangsdatum WAZ-uitkering. De beschikbare (medische) gegevens, waaronder de brief van de behandelend psychiater, bieden geen toereikende grond voor de conclusie dat sprake is van een bijzonder geval. Appellant verkeert niet in een althans voorlopig blijvende toestand van hulpbehoevendheid, zodat verhoging van de grondslag niet aan de orde is. De op nihil gestelde negatieve winst over 1998 en 1999 is terecht bij de berekening van de grondslag betrokken.

LJN BR2759 - Terugvordering van onverschuldigd betaalde WAZ-uitkering. De Raad is van oordeel dat vaststaat dat de inkomsten uit arbeid in de jaren in geding in vergelijking met het maatmanloon leiden tot een mate van arbeidsongeschiktheid van minder dan 25% en dat het UWV daarom gehouden was om toepassing te geven aan artikel 58 van de WAZ.

LJN BR5760 - Tussenuitspraak. Intrekking WAZ-uitkering. Naar aanleiding van het rapport van de door de Raad geraadpleegde deskundige oordeelt de Raad dat het bestreden besluit berust op onvoldoende medische grondslag. De Raad draagt het UWV derhalve op om het gebrek in het besluit te herstellen (zie ook LJN BW2609).

LJN BS1132 - Niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens onvoldoende procesbelang. Appellant meent dat hij belang heeft bij een rechterlijk oordeel omdat hij voor de toekomst nadrukkelijk de mogelijkheid wenst open te houden van een volgende vergoeding van eventueel in de toekomst opkomende nieuwe reparatiekosten van de kniklader. Van de bestuursrechter kan in een geval waarin de uitkomst van het beroep niet in concreto tot een voor de betrokkene gunstiger resultaat kan leiden, geen uitspraak worden gevraagd vanwege de principiële betekenis daarvan voor mogelijke toekomstige gevallen.

LJN BU6203 - Tussenuitspraak. Intrekking WAZ-uitkering. Particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering. De uitkering van Nationale Nederlanden is geen inkomen uit arbeid en had in mindering gebracht moeten worden op de feitelijke inkomsten van appellante. Het UWV is afgeweken van de door appellante en de BV gemaakt fiscale keuze ten aanzien van de feitelijke waarde van de arbeidsinbreng van appellante. De Raad draagt het UWV op de feitelijke inkomsten van appellante uit arbeid nader vast te stellen en vervolgens op basis van die inkomsten de mate van arbeidsongeschiktheid te berekenen.

LJN BV5142 - Vaststelling WAZ-uitkering op basis van inkomsten uit arbeid berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%. Het UWV heeft de fiscale bijtelling in verband met het privégebruik van een auto van de werkgever terecht als inkomsten uit arbeid aangemerkt. Voor het opnieuw vaststellen van het inkomen van appellant ten tijde van de toekenning van de WAZ-uitkering bestaat geen aanleiding, omdat appellant niet heeft aangetoond dat hij toen al voor privédoeleinden kon beschikken over een auto van de werkgever, noch met stukken de waarde daarvan heeft aangetoond.

LJN BV8332 - Toekenning WAZ-uitkering. Wegens inkomsten uit arbeid wordt de uitkering over 2005 uitbetaald naar de arbeidsongeschiktheidsklasse van 35 tot 45% en over 2006 naar de klasse minder dan 25%. Bij het beantwoorden van de vraag of inkomsten van een zelfstandige als inkomsten uit arbeid moeten worden aangemerkt, komt in beginsel doorslaggevende betekenis toe aan de in het kader van de fiscale wetgeving door de verzekerde gemaakte - en door de fiscus gehonoreerde - keuze. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden die met zich brengen dat de inkomsten van appellant niet als inkomsten uit arbeid aangemerkt zouden moeten worden. Door appellant zijn geen controleerbare gegevens aangedragen die zijn stelling dat de winstaandelen in 2005 en 2006 voor een belangrijk deel als een solidariteitsbijdrage van de medevennoten aangemerkt moeten worden aannemelijk maken.

LJN BW0863 - Verhoging WAZ-uitkering naar 100% van de grondslag in verband met blijvende hulpbehoevendheid. Het UWV heeft op goede gronden besloten de verhoging van de WAZ-uitkering van appellant in verband met hulpbehoevendheid te doen ingaan één jaar vóór de ontvangst van de daartoe strekkende aanvraag van appellant. Het UWV is op grond van de toepasselijke wet- en regelgeving niet verplicht een belanghebbende te informeren over de mogelijkheid van verhoging van een arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met hulpbehoevendheid.

LJN BW2609 - Intrekking WAZ-uitkering. Met de na de tussenuitspraak (LJN BR5760) ingezonden rapportages heeft het UWV het gebrek in het bestreden besluit niet hersteld. Het UWV heeft de Raad er niet van overtuigd dat appellant met zijn beperkingen op de datum in geding in staat was arbeid te verrichten als directeur-grootaandeelhouder. De intrekking van de WAZ-uitkering kan geen stand houden. Vernietiging van de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit. De Raad voorziet zelf in de zaak en herroept het primaire besluit.

LJN BX7960 - Intrekking WAZ-uitkering. De namens appellant overgelegde medische informatie vormt geen aanleiding om meer beperkingen aan te nemen per datum in geding. Gelet op alle beschikbare gegevens kan niet worden gezegd dat het UWV niet in redelijkheid tot het besluit heeft kunnen komen niet terug te komen van het eerder genomen besluit, dan wel dat het daarbij anderszins heeft gehandeld in strijd met een geschreven of ongeschreven rechtsregel of met een algemeen rechtsbeginsel.

LJN BY8743 - Maatmaninkomen. Het stond de rechtbank - behoudens uitzonderlijke gevallen, waarvan hier geen sprake is - niet vrij terug te komen van een door haar in een tussenuitspraak zonder voorbehoud gegeven oordeel. De aangevallen uitspraak dient dan ook te worden vernietigd. Teneinde tot finale geschilbeslechting te komen, zal de Raad het geding niet terugwijzen naar de rechtbank, maar daarover thans een oordeel geven. Voor de hoogte van zijn uitkering of voor het vaststellen van de mate van arbeidsongeschiktheid is momenteel, gezien het systeem van de WAZ, niet van belang wat het maatmaninkomen van appellant precies is. Het beroep wordt derhalve niet-ontvankelijk verklaard.

LJN BZ6450 - Herziening WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. Het bestreden besluit berust op voldoende medische grondslag. De basis voor de berekening van het maatmaninkomen is de nettowinst zoals deze aan de fiscus is verantwoord en door deze is aanvaard. Uit de aangiften inkomstenbelasting over de desbetreffende jaren blijkt dat de inkomsten uit de BV op andere wijze zijn verantwoord dan als winst uit onderneming. Het oordeel van de rechtbank met betrekking tot de geschiktheid van de aan de schatting ten grondslag liggende functies wordt door de Raad onderschreven.

LJN BZ9838 - Opnihilstelling WAZ-uitkering en terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering. Uit een eerder besluit kan niet worden afgeleid dat appellant in 2008 in het geheel geen activiteiten kon verrichten. Met het UWV acht de Raad voor deze conclusie doorslaggevend de reikwijdte van de in het medisch onderzoeksverslag beschreven beperkingen, zoals die zijn neergelegd in de FML. Verder is de geringe omvang van de werkzaamheden op zichzelf niet beslissend voor de vraag of de inkomsten daaruit als inkomsten uit arbeid in de zin van de WAZ hebben te gelden.

LJN CA0782 - Intrekking WAZ-uitkering. Het bestreden besluit berust op voldoende medische onderbouwing. In de FML is voldoende rekening gehouden met de bijzondere beperkingen die geluxeerd zijn door de aanpassingsstoornis. Terecht is het UWV bij de vaststelling van de urenomvang van de maatman uitgegaan van de opgave van appellante op het aanvraagformulier. Er zijn onvoldoende verifieerbare gegevens ingebracht door appellante ter onderbouwing van haar standpunt dat zij destijds (veel) minder dan 40 uur per week werkte.

ECLI:NL:CRVB:2013:806 - Ingangsdatum WAZ-uitkering. Er is geen sprake van een bijzonder geval. Zoals de verzekeringsarts heeft opgemerkt, is het appelante zelf medisch niet aan te merken dat zij de aanvraag te laat heeft gedaan. Uit het psychologisch onderzoeksrapport blijkt echter niet dat de echtgenoot van appellante niet in staat is geweest om een WAZ-uitkering voor haar aan te vragen. Er was bij hem geen sprake van een psychische decompensatie of een andere medische reden.

ECLI:NL:CRVB:2013:1755 - Anticumulatie. Terugvordering wegens inkomsten uit eigen bedrijf. Bij nader besluit is het voordeel van het privégebruik van de auto van het bedrijf bij de maatman betrokken, waardoor de fictieve mate van arbeidsongeschiktheid en de hoogte van de terugvordering is gewijzigd. Voor de vaststelling van het maatgevend inkomen van een DGA van een vennootschap dient te worden uitgegaan van wat die DGA in die vennootschap verdiende op het tijdstip van aanvang van de arbeidsongeschiktheid, tenzij moet worden gezegd dat die inkomsten geen juiste afspiegeling vormen van de verdiensten van de aan deze DGA soortgelijke persoon. Appellant heeft geen feiten of omstandigheden naar voren gebracht die ertoe nopen in zijn geval een uitzondering aan te nemen op evenvermelde hoofdregel met betrekking tot de vaststelling van het maatmaninkomen van een DGA.

ECLI:NL:CRVB:2013:2405 - Anticumulatie. Appellants arbeidsinbreng dient te worden aangemerkt als werkzaamheden van economische betekenis. Bij werkzaamheden op het gebied van ondernemersactiviteiten en het uitvoeren van beheers- en beleidsbeslissingen is het realiteitsgehalte van het overeengekomen loon niet afhankelijk van de exacte urenomvang van de arbeidsverrichting.

ECLI:NL:CRVB:2013:2837 - Tussenuitspraak. Intrekking WAZ-uitkering. De door de Raad benoemde deskundige wordt gevolgd. Het bestreden besluit ontbeert een deugdelijke medische onderbouwing omdat appellant meer beperkt moet worden geacht dan door het UWV is aangenomen. Het UWV wordt opgedragen, met inachtneming van de door de deskundige genoemde beperkingen, een nieuwe FML op te maken, waarna vervolgens kan worden bezien welke gevolgen dit heeft voor de mate van arbeidsongeschiktheid van appellant.

ECLI:NL:CRVB:2013:2890 - Weigering herkeuring. Voor de toepassing van artikel 20 van de WAZ is vanaf 1 augustus 2004 alleen nog verzekerd degene die op dat moment al arbeidsongeschikt was en in de wachttijd van vier weken zat. Omdat uit het verzoek van appellant blijkt dat er sprake is van toegenomen beperkingen wegens dezelfde oorzaak na 22 februari 2007 en deze datum na 1 augustus 2004 ligt, is appellant niet verzekerd voor de WAZ en wordt hij daarom niet opgeroepen voor een herkeuring.

ECLI:NL:CRVB:2014:429 - Weigering WAZ-uitkering. De rechtbank heeft terecht het oordeel van de door haar ingeschakelde deskundige gevolgd. De motivering van deze deskundige is overtuigend. Het uitgebrachte rapport geeft blijk van een zorgvuldig onderzoek en is inzichtelijk en consistent. De deskundige onderschrijft het standpunt van het UWV dat geen periode van 52 weken arbeidsongeschiktheid is aan te wijzen.

ECLI:NL:CRVB:2014:1093 - Weigering WAZ-uitkering. Bij gebrek aan inkomensgegevens is voor de vaststelling van het maatmaninkomen uitgegaan van het wettelijk minimumloon.

ECLI:NL:CRVB:2014:1648 - Weigering om terug te komen van eerdere besluiten. Het UWV heeft de beslissingen van de Belastingdienst over het vervallen van de meewerkaftrek in de jaren 2007 en 2008 weliswaar als een nieuw feit of veranderde omstandigheid aangemerkt, maar daarin geen aanleiding gezien zijn standpunt te wijzigen. Daartoe is verwezen naar de bevindingen in het fraudeonderzoek, op basis waarvan is geconcludeerd dat appellant vanaf 2004 werkzaamheden in het bedrijf van zijn partner heeft verricht en dit niet aan het UWV heeft gemeld. De gewijzigde belastingaangiften en navorderingsaanslagen doen daar niet aan af. Het UWV mocht het verzoek van appellant dan ook afwijzen met verwijzing naar de betreffende besluiten.

ECLI:NL:CRVB:2014:2029 - Weigering WAZ-uitkering omdat de toegang tot de verzekering per 1 augustus 2004 is geëindigd en de arbeidsongeschiktheid van appellant eerst in 2005 is ingetreden. Appellant is er ook in hoger beroep niet in geslaagd zijn eigen opvatting dat hij reeds vóór 1 augustus 2004 arbeidsongeschikt was voor zijn werk als zelfstandige, aan de hand van objectief-medische gegevens te onderbouwen.

ECLI:NL:CRVB:2014:2160 - Terugvordering WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. De maatman is juist vastgesteld. Het was appellantes keuze om haar inkomsten via de BV in de vorm van - door haar zelf vastgesteld - loon te laten betalen. Dit loon is fiscaal verantwoord en geaccepteerd door de Belastingdienst en vormt een getrouwe afspiegeling van de feitelijke inkomsten die zij ontving voorafgaande aan haar arbeidsongeschiktheid en daarmee van haar verdiencapaciteit. Dat de goodwillaflossing medebepalend kan zijn geweest voor de hoogte van haar loon betekent niet dat het fiscaal verantwoorde loon geen getrouwe afspiegeling meer vormt.

ECLI:NL:CRVB:2014:3378 - Weigering vergoeding van inkomensschade en immateriële schade. Aansluiting wordt gezocht bij het civielrechtelijk schadevergoedingsrecht. Appellant heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de door hem gestelde schade wegens het verlies van de marktvergunningen en het faillissement van de onderneming het gevolg is van het uitblijven van een besluit op zijn WAZ-aanvraag.

ECLI:NL:CRVB:2015:1536 - Herziening en terugvordering WAZ-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Voor de toepassing van artikel 58 van de WAZ is vereist dat de bij de korting in aanmerking te nemen inkomsten van een DGA als inkomsten uit arbeid zijn verkregen. Voor de in aanmerking te nemen inkomsten uit arbeid komt - volgens vaste rechtspraak - in beginsel doorslaggevende betekenis toe aan de in het kader van de fiscale wetgeving door de verzekerde gemaakte - en door de Belastingdienst gehonoreerde - keuze. Van die keuze kan slechts worden afgeweken wanneer sprake is van bijzondere omstandigheden.

ECLI:NL:CRVB:2015:1579 - Terugvordering WAZ-uitkering wegens verzwegen inkomsten uit hennepteelt. Appellant heeft door verzwijging van zijn werkzaamheden in de hennepkwekerij en de inkomsten die hij daaruit heeft genoten niet voldaan aan zijn inlichtingenverplichting, zodat het UWV mocht overgaan tot een schatting van de inkomsten uit die hennepkwekerij.